Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for juli, 2018

Utopia

Wij zijn tegenwoordig niet meer van die feestbeesten. Ongetwijfeld heeft het met leeftijd te maken: een halve nacht doorhalen…dat lukt ons echt niet meer.Gelukkig geldt dat voor het merendeel van onze vrienden ook. Maar toch, af en toe, krijgen we te maken met een echt feest.

Meer dan 10 jaar hielpen 4 Portugese zusjes ons op de camping, met de gîtes en in de eigen huishouding. Drie begonnen samen een restaurant, nummer 4 ging verhuizen. Maar deze laatste kwam wel aan met vervangster El, een Oost-Europese dame, en ze werkte haar zelf meteen even in. Deze El is absoluut een schatje.( Niks kwaads over haar voorgangers overigens). Ze is altijd even zorgzaam, wil niet dat wij haar helpen met het werk, en is gul in álles: met complimenten, zelfgebakken taart, zelfgemaakte lekkernijen uit haar land etc. Haar man heeft een eigen bedrijf-in-opbouw en doet daarvoor grote investeringen. Zij verdient daarom het huishoudgeld. Dat neemt niet weg dat ze enorme cadeaus geeft. Zo gingen ze vorig jaar “even” een weekendje naar Italië, in verband met een trouwfeest. Vrijdagnacht rijden, zaterdag de bruiloft, zondagnacht terug, enkele reis 500 km…

Ze gaven het bruidspaar € 500,- als cadeau, “want dat zijn wij zo gewend”. En vanwege de verjaardag van haar vader regelt El even een zeer speciale gift: een enorme taart plus een fles champagne, persoonlijk bezorgd door een man in een jacquet en een filmpje ervan op You Tube. Kosten € 100,-. Ook wij vallen regelmatig in de prijzen. Voor de kerstdagen en onze verjaardagen bakte ze steeds een mooie taart. Prachtig en lekker, maar niet zo goed voor de lijn. Daar heb ik trouwens wel wat op gevonden. Via de Hema in Marseille kon ik 2 minitaartvormen laten bezorgen…

Al een paar keer waren we uitgenodigd voor een familiegebeuren bij haar, maar er kwam steeds iets tussen. Nu konden we kiezen tussen een maaltijd op zondag of een apéro op zaterdag. Dat laatste leek ons het beste, even een borrel en daarna thuis eten. Wat een vergissing!

De tafel staat bij binnenkomst al vol met drank en schalen met borrelhappen: broodjes met kaviaar en zalm, toast met zelfgemaakte mayonaise en krabsaus. Die schalen zijn nog niet leeg als er borden met gegrilde gamba’s en kilo’s mosselen rondgaan. De echtgenoot is dan al lang naar de tuin vertrokken, die verzorgt de barbecue: mega hoeveelheden sardientjes, vleespinnen, kippenpootjes en merquez-worstjes. Een gang overslaan is er niet bij, je stelt de gastvrouw teleur als je niet wat neemt. Midden op de tafel staan ook nog rijk gevulde paprika’s en grote schalen met groentesalade.

Het dessert bestaat uit kleine flensjes, gevuld met een zoetige kaas. En dat hoort dan samen gegeten te worden met een taart, een soort baklava. Als klapstuk komt er daarna een nóg grotere taart, met Clairette de Die. De drank vloeit overigens de hele avond al rijkelijk. Ik lust absoluut geen bier, maar heb verschillende keren halve liters voor me staan. Als ik dat afsla, heb ik ineens een theekopje vol met Baileys, ook niet echt mijn favoriete drankje.

We verkeren al die tijd in een bijzonder interessant gezelschap. De echtgenoot komt dus uit dat Europese land -dat noem ik maar even Utopia- en zijn ouders hebben door langdurig verblijf in Portugal een dubbele nationaliteit bemachtigd. Zoonlief kreeg dat ook en met hem zijn vrouw. En dat geeft hen weer het recht om in een ander Europees land de kost te verdienen. Man van El heeft dus een eigen bedrijf en zijn werknemers komen stuk voor stuk uit Utopia. Omdat hun gezinnen achterblijven, gaan die mannen regelmatig terug. Maar ook al zijn ze hier nog maar een paar maanden, ze spreken allemaal Frans. Niet altijd vloeiend, maar dat konden wij hier in ons eerste jaar ook niet. Naast bouwactiviteiten voor derden wordt er ook een bedrijfspand met woning voor de baas gezet. Omdat het vlakbij ons huis is, zie ik ze daar vaak werken, als hun normale werkdag erop zit of op de zaterdagen. Als apen klauteren ze het dak op en af, dan moet je geen hoogtevrees hebben.

Naast werknemers zijn er verschillende familieleden en vrienden van allerlei pluimage,zoals iemand van het Franse Vreemdelingenlegioen. Ik wist niet eens dat dat nog bestond! Hij heeft gemillimeterd haar, een stevig gespierd lijf en is nog aardig en beleefd ook. Terwijl ik dacht dat het Vreemdelingenlegioen bestond uit mensen die nergens anders voor deugden, blijkt het dus te gaan om een Elite-eenheid van het Franse leger. En dat straalt deze gast ook uit.

Terwijl we eten draait El een video van de doopdienst van haar zoontje in Utopia. Wij kijken onze ogen uit. Het lijkt wel een bruiloftsfeest, de hele club doet mee aan folkloristische dansen en als klapper gooien alle vrouwen zakken met kleren in een kleed. Als die geleegd zijn wordt het gedoopte kind midden op het kleed gelegd gelegd en jonassen 10 vrouwen ( de meters) het jongetje langdurig op en neer. Knulletje geniet er zichtbaar van. Daarnaast worden er met geld gevulde enveloppen ingezameld. En dat allemaal in een straatarm land.

Wij schamen ons wel een beetje voor ons “cadeau”, een envelop met € 20,-, bedoeld om voor de jarige dochter iets te kopen. Als je uitgenodigd wordt voor zo’n megapartij moet dat echt wel een beetje in verhouding zijn. Gelukkig komt ze wekelijks bij ons, dat heb ik inmiddels goedgemaakt.

Tijdens het barbecueën is men buiten al begonnen met de muziek. Als de taarten op tafel staan, komt dat gezelschap naar binnen. Daarna begint een van de werknemers te zingen. Het Vreemdelingenlegioen valt in en ook de gastheer gaat meezingen. Typisch folklore en de een vindt dat mooi, een ander niet. Maar bijzonder is het allemaal wel. We hebben nog lang iets om over na te praten.

 

Read Full Post »

Vrienden van ons gingen een tijd geleden naar de bekende opera van Avignon, uitgevoerd in de open lucht. Ze genoten van de muziek en van de ambiance en wij deelden hen mee, dat wij een volgende keer graag mee zouden willen. Vorige week, tijdens het boodschappen doen, viel hun oog op een foldertje waarin de opvoering van de opera Madame Butterfly van Puccini in de toren van Crest werd aangekondigd. Die toren staat al lang op mijn verlanglijstje: het is hoogste donjon (= vestingtoren) van Frankrijk.

In de 12e eeuw werd het gebouwd als kasteel, een vesting. Vanwege de strategische ligging werd er vaak om gevochten. In 1633 werd het kasteel gesloopt, op bevel van Lodewijk de XIIIe, op de toren na: die werd omgedoopt tot een gevangenis. Dit deel van het oorspronkelijke kasteel is enorm van afmetingen: 32 bij 20 meter en dan 52 meter hoog. Er zijn 15 zalen, die op zich goed weergeven hoe de edelen in de Middeleeuwen woonden. Dat het een gevangenis was, is ook duidelijk: valhekken, werperkers, schietgaten, maar ook graffiti van de gevangenen uit de 17e eeuw.Vanuit die erkers is er een spectaculaire uitzicht op Crest en op de Trois Becs. En daar speelt zich Madame Butterfly dus af.

 

Rien is verzot op alle soorten van muziek, van klassiek tot André Hazes senior. Hij kent alle opera’s ongeveer uit zijn hoofd en kan ook meteen de verhaallijn vertellen. Dus als die vrienden het foldertje laten zien, is hij meteen verkocht.

Om 21 uur begint het spektakel, maar wij zijn er een uurtje eerder, o.a. vanwege mogelijke parkeerproblemen. De parking op de top van de berg heeft niet een grote capaciteit. Het is maar goed dat we vroeg zijn, want we moeten eerst helemaal naar boven, via een ingewikkeld trappenstelsel. Eén keer raken we zelfs de weg kwijt, maar gelukkig worden we ingehaald door een dame die er eerder was. Het is toch ook onlogisch dat je halverwege weer een trap af moet, om boven te komen? Hetzelfde gebeurt ons trouwens op de terugtocht, maar ook daar hebben we een voorganger die het wel weet. In de folder stond gelukkig dat je zelf kleine klapstoeltjes mocht meenemen, want er is behalve de stenen vloer niets om op te zitten. Je moest tóch nog uitkijken met die stoeltjes, want de vloer was nergens recht.

En toen ontvouwde zich de opera, in 3 bedrijven, verdeeld over 3 verdiepingen. En de zangers maakten prachtig gebruik van de ruimte. Normaal spelen ze op een toneel en verdwijnen ze in de coulissen, maar hier gingen ze de trappen op en af. Terwijl we keken naar Madame Butterfly en haar bediende Suzuki kwam achter ons ineens Sharpless, de Amerikaanse consul, zingend van een trap af. En gluiperd Goro danste letterlijk over het podium heen en weer, trap op en af. Het verhaal op zich leent zich ook heel goed voor een opera: De Japanse huwelijksmakelaar Goro verkoopt een huis en een geisha aan een Amerikaanse marinier. Na de bruiloft vertrekt de Amerikaan, onder de belofte terug te komen. Dat doet hij ook, maar dan met zijn nieuwe echtgenote. Madame Butterfly, moeder van zijn kind, is daarover zo verdrietig, dat zij zich zelf doodt met een dolk.

Tussen de verschillende bedrijven door wordt er eerst een podium afgebroken en elders opgebouwd. En wij moeten al die tijd op de trappen wachten. Ondertussen kunnen we de vroegere gevangenis goed bekijken. Ook de brandweer kijkt voortdurend rond, en overal staan mensen met talkie-walkies ( écht andersom in het Frans) te bewaken dat de doorgangen vrij blijven: in geval van calamiteiten zijn zij namelijk verantwoordelijk.

 

Er kunnen hooguit 100 personen tegelijk bij dit spektakel aanwezig zijn. Dan zou je denken dat het een plaatselijke operavereniging is, die deze uitvoering verzorgt. Maar niets is minder waar. De leider van het gezelschap, Andrei Chevtchouk, is directeur van het Theatre Musical de Lyon- Compagnie CALA. De hoofdrolspelers zijn stuk voor stuk afgestudeerd aan het conservatorium, cum laude of met de speciale vermelding van zeer goed op het diploma.

En dat is te horen ook, wat een stemmen!

Het is op en top genieten, zo’n avondje cultuur.

 

 

 

 

Read Full Post »

 

Eigenlijk heb ik mijn leven lang, totdat we de camping verkochten, keihard gewerkt. Ook hier, in het nieuwe huis, was het in het begin nog best aanpoten. Maar nu het bedrijf in de steigers staat, denk ik soms zomaar: Gut, wat zal ik vandaag nou eens gaan doen?

Voor dat soort momenten heb ik altijd een stapeltje ” toerisme” liggen: wandelingen die nog vertaald moeten worden, een uit te zetten autoroute, een onbekende brochure bestuderen enzovoort. Stilzitten zit er namelijk nog steeds niet in. Dat is ook best grappig bij de huisarts. Al kom ik bij wijze van spreken voor een zere plek op de dikke teen, altijd wordt de bloeddruk gemeten. Doucement!, zegt ze dan, rustig aan. Mijn standaardreactie is dat dit woord in mijn woordenboek niet voorkomt.

Maar goed, vorig jaar kwam ik in een brochure een lavendelroute tegen. Reed die vervolgens in mijn eentje en vond het helemaal niks: nauwelijks lavendel te zien. Dus nog tijdens de rit maakte ik een ander plan. Die trip werd al wel gecontroleerd door vrienden, maar Rien kende hem nog niet. Dus nu mocht hij mee, als chauffeur en fotograaf.

Tussen de dorpjes Marignac en Saint Julien-en-Quint genieten we allereerst van het prachtige kruidendal van Marignac.

De hele vallei van de rivier de Drôme is hét biogebied van Frankrijk en dat geldt voor dit dal in het bijzonder. Er worden hier vooral veel gewassen verbouwd voor homeopathisch en medicinaal gebruik.

Vorig jaar werd ik er verrast door een bijna aquakleurige akker. Schoonzus A. vertelt me nu dat het om Vlas gaat, wat onder andere gebruikt wordt voor lijnzaadolie. Op dezelfde plek staan dit jaar helderblauwe Korenbloemen, een heel veld vol. Daar maakt men een homeopathisch middel tegen bronchitis van.

Er is nóg een mooie paarse akker, weer geen idee wat dat is. Nogmaals is het schoonzus A. die me meldt dat dit Scharlei is. Een geneeskrachtig kruid, rustgevend en kalmerend, o.a. voor menstruatiepijnen.

We buigen linksaf de lieflijke vallei van de Quint in, heel anders qua sfeer. Het miniriviertje meandert mooi door de weilanden, hier en daar met een stroomversnelling. Door de geitenhoedster met haar kudde lijkt het alsof de tijd hier al eeuwen heeft stil gestaan.

Een paar kilometer verder volgen we het dal van de Drôme, tot aan Pontaix. Daar waar de grote weg de rivier oversteekt, gaan wij links een smal straatje in. En dan zitten we ineens in de druivenvallei van Barsac, met overal de druiven van de Clairette om ons heen. Het zijn mooie, glooiende akkers, met vooraan bloeiende rozenstruiken, de zogenaamde signaalplanten: als er een ziekte op de druiven komt, is dat als eerste zichtbaar op de rozenblaadjes. Voor ons ook nieuw is de prachtige cave hier, zeer uitnodigend door alle bloeiende planten rondom het gebouw.

Bij Espenel steken we de Drôme nogmaals over en gaan we via het mooie dorp Mirabel-et- Blacons het rustige dal van de Gervanne in. Die Gervanne is in de zomer een mooi kabbelend beekje, maar in de winter kan het een wilde rivier worden. Kennissen van ons hadden er een motorcamping. Tweemaal zijn ze geconfronteerd met allesvernietigende waterstromen. Dan heb je nét een bedrijf voor € 25.000,- de oevers van het riviertje laten verstevigen, komt er opnieuw zo’n woeste watermassa langs, die hele rotsblokken meeneemt. Dan kun je weer opnieuw beginnen. Het  betekent niet alleen water op je hele terrein, maar ook dikke lagen blubber in je chaletjes. Rotwerk en veel schade.

We rijden door tot Beaufort-sur-Gervanne, een zogenaamde village perché, dus een hoger gelegen dorp. De 14e-eeuwse borstwering is er nog te zien, net als de overblijfselen van 2 torens. Het dorp heeft nauwe straatjes en mooie gewelven. Leuk om even door te lopen.

Van hieruit stijgen we naar Gigors-et-Lozerons. Het laatste dorp ligt heel hoog. Gigors is werkelijk prachtig gerestaureerd. Er schijnen daar bijzondere orchideeën voor te komen. Wij zien alleen nog een paar uitgebloeide….

Inmiddels rijden we in de panoramavallei van de Sye en dit dal wijkt af van de vorige door de mooie uitzichten en de grote hoogteverschillen. Onderweg naar het dorp Cobonne staat op de top van een berg de mooi gerestaureerde kerk Saint- Pierre. Cobonne zelf had vroeger een kasteel, maar nu zijn er nog maar 2 torens over van de 9 die in de toenmalige ringmuur stonden.

Het dorp Aoûste kan ons niet zo bekoren, wel de prachtige rotonde met de ijzeren beeldhouwwerken. Maar deze wordt ver, echt ver overtroffen door de nieuwste kunstwerken bij Mirabel-et-Blacons. Langs de kant van de weg wordt uitgebeeld hoe men de stokken plaatst voor de wijnranken. IJzeren mannen en vrouwen zijn er aan het werk en ook de wijnranken, met hun ijzeren bladeren, zijn prachtig uitgebeeld. Echte kunstwerken. We gaan daar bij Piegros-le-Clastre  een bebost dal van de Drôme in. En alweer is het anders qua sfeer: bosjes van kreupelhout, hogere bebossing, wat wijngaarden, huizen dicht op de rivier.

Als we terugkomen bij Saillans eindigen we deze tocht, ook de fotograaf vond het zeer de moeite waard.

 

 

Read Full Post »