Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for juli, 2012

In 2001 kochten we een terrein met koren en luzerne, een soort veevoer. De camping moest toen nog helemaal worden opgezet. Henri deed de grondwerkzaamheden zoals riolering, elektra, struiken planten etc. Om toch wat gasten te kunnen ontvangen, werd er een tijdelijk sanitairblokje gemaakt. Henri kwam met Boris op de proppen, die er na werktijd wel wat bij wilde doen. Toen het echte sanitairdeel gebouwd moest worden, gingen we in eerste instantie in zee met een Nederlander. Maar de beoogde  metselaars wilden plotseling niet meer met hem werken. Gelukkig schoot Boris te hulp: op zaterdag vertelden we hem van de malaise, op zondag kwamen er 2 mannen solliciteren en op maandag waren ze aan het werk.

Een van hen had een vriend die opzichter in de bouw was. Deze Jules kwam elke zaterdag de vorderingen bekijken, werkte dan hard mee en gaf ons tijdens de pauzes opdrachten: “De komende week moeten jullie dat doen en deze lijst met materialen halen. Als ik zaterdag extra mankracht nodig heb, regel ik dat zelf.” In een razend tempo stond er zo een mooi stenen gebouw, maar toen moest al het sanitair binnen nog aangelegd worden. Weer zaten we met de handen in het haar, want zulke klussen zijn niet gemakkelijk. De boer, van wie we het huis kochten, zei: “Waarom vraag je Eli niet, mijn broer. Die woont naast je en dat is zo’n handige bricoleur, een klusjesman”. Eli keek een beetje sceptisch, wat moest hij nou met die Hollanders?  Maar toen we zeiden dat ook Boris bij ons werkte, was het meteen goed. Dat zijn namelijk dikke vrienden. Vanaf dat moment is er een vast ritme met Eli: in de winter werken Rien en hij graag samen. Want ook al zijn Rien en ik nog steeds een goed koppel, aan dezelfde klus werken gaat lang niet altijd goed. Om een voorbeeld te noemen: als we samen een tafel moeten optillen, gaat Rien naar rechts en ik naar links. Hij kijkt dan woest naar mij, omdat het toch zó logisch is. Maar ik vind dat dus helemaal niet logisch…En gek, dat heeft ie nou nooit met anderen. Plus dat Rien van al die mannen handige tips krijgt: dit materiaal moet je gebruiken, daar kun je dat kopen, die machine kan ik wel voor je lenen en zo  zou je het kunnen doen. Dat heb ik natuurlijk niet te bieden…

Toen het tweede jaar de schoonmaakwerkzaamheden in het hoogseizoen voor mij te veel werden, had Jules weer een vriend wiens vrouw een baantje zocht. Het jaar daarop kwam de dochter van Henri poetsen, nog maar 16 jaar, maar o zo netjes. Toen ze ging studeren had de overbuurvrouw wel een oplossing. Haar werkster Maya fungeerde zo’n beetje als uitzendbureau voor Portugese vrouwen die een baantje zochten. Eerst kwam Marianne binnen, een Française die gescheiden was van een Portugees. Twee jaar deed ze al het schoonmaakwerk, maar toen liep ze tegen een leuke vent aan die 100 km verderop woonde. Geen probleem, Maya vond zo weer een ander. Rosemarie kwam, sprak nauwelijks Frans, maar poetsen kon ze als de beste. Ik leerde veel van haar, bijvoorbeeld dat je het beddengoed van de gîtes aan 2 kanten moet strijken. Dat je de kussens niet recht op het bed legt, maar schuin: dat staat namelijk chic. Ze ging in de keuken helpen en nam zelf initiatieven: doe de salade eens zus of zo, voeg een beetje mosterd toe aan de vinaigraite enzovoort. Al het werk pakte ze aan, ook bij anderen. Het bizarre was dat ze in de winter – maanden nadat ze bij ons gestopt was-  volledig instortte. Inmiddels was er een volgende zus uit Portugal overgekomen en die was al ingewerkt bij ons. Ze nam soepel  de teugels over en werkt nu samen met een jonger zusje dat  inmiddels ook alweer 2 jaar naar volle tevredenheid op Domaine du Mûrier is.

Niet dat alles altijd probleemloos gaat. Het jongste zusje heeft  het geprobeerd bij ons, maar die was echt te jong en ging terug naar Pa en Moe. De oudste zus kon het werk gewoon niet aan, dat was na een halve dag duidelijk. Tussendoor hadden we ook nog Leonore: het eerste jaar bij ons ging het fantastisch, het tweede jaar liep het van geen kant. Vlak voordat het kampeerseizoen begint, krijgt alles een grote beurt. Wat heb je dan aan iemand die 2 planken schoonmaakt en de derde vergeet? Of  die om de glazen heen poetst? We begrepen er niks van, tot we hoorden wat er werkelijk aan de hand was. Ze werd door haar man gedwongen om ’s nachts als stripteasedanseres te werken, dus als Leonore bij ons aankwam, was ze al bekaf. Ik moest haar wel ontslaan, maar Rien zag ogenblikkelijk nieuwe kansen: we gaan een paal in het sanitairblok monteren, kan ze daar mooi werken…

Maar goed, met de Portugese dames zijn we nog altijd heel content.( Ook nu nog, want ze helpen me met de table d’hôte). En het leuke is: hun partners werken alle drie bij dezelfde aannemer. In hun vrije tijd willen ze graag klussen. Nozem, Dinges en Jojo werken alle zaterdagen bij ons tot ze in augustus op vakantie gaan. De een maakt een Italiaanse douche, zonder douchebak. Dat tegelwerk is knap lastig, maar Nozem draait er zijn hand niet voor om. Jojo maakt de kaders rond de ramen en deuren. We hebben een brief gekregen van de gemeente dat een beslissing wel 2 maanden op zich kan laten wachten en –standaardzin- dat we nog niet mogen beginnen. Nu hebben we die toestemming mondeling al van de schoonheidscommissie en we zijn inmiddels zover ingeburgerd, dat we gewoon starten: Jojo heeft de helft al af. En Dinges, de jongste van het stel, is opgeleid als schilder. De vorige eigenaar heeft al het behang van de woonetage verwijderd en wij wilden die muren gewoon verven. “Niks daarvan”, zegt Dinges.”Eerst alle hoekjes schuren met de hand, daarna met de girafe de grote vlakken”. Zo’n machine, met een stofslang, is hier te huur, maar nu net even niet. Dan ken je die jongens nog niet, die regelen dat gewoon even als bouwvakkers onder elkaar. Daarna een sous-couche  aanbrengen, een onderlaag. En dan pas de uiteindelijke kleur erop. Maar het schiet op.

Ondertussen is Boris ook weer aan het firmament verschenen. Hij werkte bij France Telecom, maar heeft zijn baan daar opgezegd om als zelfstandige te kunnen beginnen. France Telecom haalt namelijk regelmatig de krant vanwege het hoge aantal zelfmoorden onder haar werknemers. Maar Boris is er op tijd weg. We hebben hem gevraagd om de muur tussen de woonkamer en de keuken te verwijderen. Dat kunnen we zelf ook wel, een muur eruit meppen, maar hij maakt het af met een mooie boog. Het terras gaat hij ook verlengen, het wachten is op Henri, altijd weer Henri. Die moet de grond afgraven en het beton storten, daarna kan Boris weer op gaan bouwen.

En de beste klusser??? Dat is Rien. Die coördineert de bouwactiviteiten, verlegt alle elektriciteit voor de nieuwe keuken, maakt samen met buurman Eli een afscheiding in de tuin, ontwerpt een nieuwe poort enzovoort. Ik ben van de kleuren, van de decoraties en de details. Mijn werk komt nog. Dus sleep ik nu de verhuisdozen weer terug naar Die. Hopelijk vind ik dan ook  mijn zomerschoenen terug, voor het winter wordt….

Read Full Post »

Wel heb ik ooit!

We zijn al heel wat gewend, in die 10 jaar dat we hier wonen. En toch zijn er telkens weer  die momenten van stomme verbazing.  In een eerdere column schreef ik al over de toestanden met de telefoonabonnementen. In het koopcontract van Domaine du Mûrier stond dat de nieuwe eigenaar ook betaalde voor de website en de telefoonnummers van het bedrijf “mits de leveranciers mee zouden werken”. Een paar maanden verder begrijp ik die toevoeging volledig. Vanaf 31 januari zijn we in conflict met de ttelefoonmaatschappij SFR, vanwege alle fouten die ze maken. Drie aangetekende brieven verder zijn we nog niks opgeschoten. Ze sluiten simpelweg de telefoons en de website af, maar de rekeningen blijven binnenstromen…

In de derde aangetekende brief omschrijf ik de economische schade die ze bij T. aanrichten als hij onbereikbaar is met zijn bedrijf. En ineens nemen ze wel contact op met hem. Maar T. is er niet meer van gediend, die heeft een andere oplossing gevonden. In overleg met hem schrijf ik de SFR welk deel van de nota van ons is en wat T. moet betalen. Doe een cheque met die beide bedragen erop, in dezelfde envelop. Meld dat we het derde bedrag, voor een abonnement dat noch T. noch wij hebben, nooit zullen betalen. Een paar dagen later rollen er maar liefst 4 brieven op de mat: het abonnement is per 16 juni beëindigd, of we tot die tijd de openstaande bedragen even willen betalen.

Mensen die me kennen weten dat je dan niet in mijn buurt moet komen: ik ontplof! Diezelfde middag schrijf ik een nijdige brief, in het Frans: Of ze bij de SFR ook iemand in dienst hebben die kan lezen. Of ze ook een werknemer hebben die Franse woorden begrijpt. Dat ik een Nederlander ben, misschien taalfouten maak, maar volstrekt niet stupide ben. Dat ik de verstuurde aangetekende brieven nog een keer bijvoeg en dat ze het maar uit moeten zoeken. Dat ze iedere deurwaarder die ze kennen, op mijn dak mogen sturen, maar dat ze nooit, maar dan ook echt nooit een centime zullen zien. Zo, dat lucht op. En vlak na deze brief, die ik niet aangetekend heb verstuurd, krijgen we zomaar € 91,- op onze rekening. Onterecht, maar ik houd mijn mond, vanwege alle overlast en schade die ze berokkend hebben.

Weer een paar dagen later ligt er een briefje van de postbode in de bus: er is een aangetekende brief, of we die even willen afhalen op het postkantoor. SFR, denk ik meteen. Maar nee, het is veel wonderlijker…..

Op 4 juni hebben wij toestemming gevraagd voor het verlengen van het terras en de overkapping ervan. Inmiddels zijn we een maand en 2 gesprekken met de architect  van de nationale schoonheidscommissie verder. Omdat de ambtenaar meteen al dwars lag, vond hij ons eigen idee heel slim: laten we er 2 aanvragen van maken, eerst het verlengen van het terras en dan later de overkapping. Voordat ik überhaupt iets op papier kan zetten, krijgen we per aangetekende brief de vergunning voor allebei binnen. Helemaal idioot, als je bedenkt dat die architect goeie argumenten heeft om het niet op deze manier te doen. Maar wij beginnen aan het terras. Als we een nieuw plan hebben voor de overkapping, gaan we wel terug.

Dit vinden wij lelijk…

Op de camping zijn er ook altijd van die gebeurtenissen waarvan je zegt: Wel heb ik ooit!  Ik heb altijd een camping willen hebben, waar je je spullen veilig kon achterlaten, waar de deur van je caravan niet op slot hoefde. Wij hielden daarom vanaf ons terras nauwlettend in de gaten wie er op het terrein liep. Vreemden zijn meteen te herkennen, die lopen meestal een beetje zoekend  rond. Een enkele brutale stapt zo binnen, kijkt in de receptie rond zonder boe of bah te zeggen of inspecteert het toilet. Dat laatste begrijp ik best, maar zelf zou ik dat even vragen. En dat verwacht je – misschien niet terecht- dan ook van anderen. Een keer maakte een jongedame het wel heel bont. Die kwam de receptie binnen, vertelde dat ze op een andere camping stond, maar dat ze bij ons even toeristische informatie wilde pakken. Misschien ben ik wel gek, maar zoiets vind ik niet normaal.

Vanaf diezelfde  camping kwamen er ook steeds hele kuddes het terrein oplopen om eens rond te kijken. Toen ik daar niet van gediend was, dreigden ze verder te vertellen dat er op Domaine du Mûrier zo’n vervelende eigenaresse rondliep. ” Nou” , zei ik, “als u dat wilt doen, heel graag”…Eenmaal voegde zo’n gast me toe: “Was dan in Nederland gebleven, als u dat niet wilt!”  Ik heb nog nooit iemand geslagen, maar dat zou ik op zo’n moment heel graag willen doen…

Vrijwilliger Ernie maakte het deze week weer mee: 2 mannen die duidelijk niet op DDM thuishoorden. Hij vroeg dus netjes of hij hen kon helpen. Nee, dat was niet nodig, ze keken gewoon even rond. “Nou”, zei Ernie, “dan is het wel correct om dat even bij de receptie te melden”. Antwoord van de botterik: “Ik wens zo niet aangesproken te worden door u.” Wel heb je ooit, dat is toch de omgekeerde wereld?  Die zijn dus meteen van het terrein afgestuurd…..

Soms is het ook wel om te lachen. Het is al een paar jaar geleden dat een caravan zomaar het terrein opcroste. Toevallig stond ik zelf bij ons kippenhok te tokkelen, toen hij daar hard aankwam scheuren. Ik wilde hem staande houden, omdat hij op die plaats niet omhoog kon rijden. Da’s namelijk gevaarlijk vanwege het laagje grind. Maar de man liet zich niet zomaar temmen en reed pardoes tegen mijn knie aan. Toen ik dreigde de Gendarmerie te roepen, stopte hij wel. Naast hem een krijsende vrouw: “Ik zéi het je toch! Ik zéi het je toch! Luister dan ook!” Die hadden waarschijnlijk al een heel fijne reis achter de rug….Iedereen bij het kippenhok moest erom lachen, alleen mijn knie werd blauw.

Zou het niet een saai leven zijn, als je nooit dit soort dingen mee zou maken?

Read Full Post »

Ons nieuwe huis ligt dus in een superbeschermde zone, niet alleen door het historisch stadsgezicht van Die en door het Nationale Parc du Vercors, maar ook door – en dat was ons niet bekend- het kasteel van Saint-Laurent. Voor iedere wijziging aan de buitenkant moeten we toestemming vragen aan de nationale schoonheidscommissie. Nou kennen we de aardige architect van die club, dus we denken: appeltje-eitje. Maar dat is weer een vergissing.

Ik verwacht een discussie over de kleuren van de luiken en van de kaders om de ramen, maar juist dat is zo gepiept. De overkapping van ons terras echter…wat een misverstanden kan dat opleveren. Allereerst zijn wij geneigd om dat een veranda te noemen. Helemaal fout: die is hier aan alle kanten dicht ( in Nederland een serre genoemd…). Daardoor  is het woonruimte en moet je er “taxe d’habitation” voor betalen, de onroerendgoedbelasting. En dat moet je dan ook verzekeren als zodanig.  Als er alleen een dak boven het terras zit, heet dat volgens onze vrienden D&D een préau, volgens het woordenboek een overdekte binnenplaats. Dat hebben zij tenminste aangevraagd en wij willen hetzelfde. Maar nee, onze architect noemt het een auvent, een luifel of afdak. What’s in a name, zou je zeggen, maar hier is dat toch een wereld van verschil, bijvoorbeeld met de vergunningen. Voor een veranda heb je een Certificat d’urbanisme nodig, een bouwvergunning. Voor een afdak moet een declaration préalable worden aangevraagd. Dat zijn alle verbouwingen waar je geen bouwvergunning voor nodig hebt. Even zo vrolijk moet je daarvoor wel een formulier van 12 pagina’s invullen, plus een brief met een omschrijving van het project plus tekeningen van de huidige situatie en van de plannen, ook nog in relatie met de omgeving.  Eenmaal bij de architect van Bâtiment de France blijkt dat we weer een overijverige ambtenaar hebben getroffen: voor wat wij willen is een formulier van 3 velletjes voldoende….

We maakten het eerder mee. Terwijl we al extra elektriciteitspaaltjes hadden geplaatst op de camping, bedachten we dat er misschien toestemming nodig was. Dat heette toen nog een déclaration de travaux, een verklaring van werkzaamheden. Dus zo’n formulier ingevuld en toestemming gevraagd om poteaux électriques te mogen plaatsen. Zo staat het namelijk in het woordenboek. Dat werd ogenblikkelijk geweigerd, het mocht alleen van hout en we moesten maar overleggen met de architect van BdF. Die barstte in lachen uit toen hij de foto’s zag: wat jullie willen zijn bornes ( wat ook paal betekent). Telefonisch zette hij het even recht en mochten de palen blijven staan.

In diezelfde periode waren we bezig met de bouw van appartement de Iris. Op de tekening schreef Rien het woord mezzanine, letterlijk een insteekverdieping, maar wij zeggen: slapen onder een schuine kap. Een milieuclub, die daar dus niks over te zeggen heeft, gaf als commentaar dat de ruimte te laag was en daarom geen mezzanine heette. Toen kenden we het kunstje al: dat woord uitgummen en vervangen door het woord grenier, zolder dus. Nooit meer wat van gehoord.

Maar ja, deze keer ligt het een slag anders. Het kasteel van Saint-Laurent  is familie-eigendom van de vorige burgemeester. We zitten precies in haar zichtlijn, illegale activiteiten kunnen we wel vergeten. Dus bewandelen we de Koninklijke Weg en ondergaan de ellende van vergunningen die –tig keer geweigerd kunnen worden. Gelukkig doet de architect van BdF  een goed voorstel: maak een volgende afspraak  om 5 uur, dat is aan het eind van mijn werkdag. Ik ga ter plekke kijken en help je met alle formulieren. Van de vorige keer weet ik nog dat je daar een liter Rosé naast zet en dat het dan helemaal goed komt.

Hij verschilt trouwens op een bijzondere manier van mening met Rien. Volgens hem lopen de lijnen van het ontwerp niet evenwijdig. Dat moet je tegen een wiskundige zeggen! Rien is ’s avonds nog steeds stupéfait. Begrijpelijk, want de 2 aannemers die er waren plus meneer Zonnepaneel hebben geen van allen een probleem gezien. Maar BdF had overigens wel een ander sterk punt: 3 maanden moet je jezelf beschermen tegen de zon, de andere 9 maanden geniet je er echt van. Dus overkap niet het hele terras, maar slechts de helft. Dat is om een andere reden ook een goed advies. Terwijl we het terras uitbreiden met 6,6 m2 rekenen ze voor de overkapping dat het om meer dan 20 m2 gaat en dan heb je een echte bouwvergunning nodig, met alle bureaucratie van dien.  L’histoire se repète, de geschiedenis herhaalt zich. Alleen zijn we nu veel meer gewend aan de bureaucratie en de verschillende manieren om daar aan te ontsnappen. Eventjes zijn we teleurgesteld, dan maken we gewoon het volgende plan.….

Ondertussen is het ook op andere fronten een drukke bedoening : de een komt voor een kop koffie, een ander voor de lunch, een derde voor de barbecue ‘s avonds. In de gîtes bij onze huurbaas zitten op dit moment vrienden, mijn hartsvriendinnen zitten op Domaine du Mûrier. Voortdurend feest dus. Ed en Thea – onze oppassers die in maart al zo geweldig hebben geholpen met de verhuizing- komen langs op de terugreis van hun vakantie. Ze zijn hier maar een weekend, maar zien kans om ons dan toch nog een volle dag te helpen. Tussendoor  regelen we van alles voor het huis: de Portugese boys komen helpen slopen, de staatsbedrijven voor water en elektra maken een afspraak, offertes worden opgevraagd. Ik ga met een vriendin naar het ziekenhuis om te assisteren met de taal, zij naait alle gordijnen voor ons nieuwe huis. Rien repareert dan weer zijn computer, “want hij is zijn apestaartje kwijt”. Andere vrienden nemen onze Amerikaanse koelkast over: die is wit en ik wil graag een roestvrijstalen versie. De onderhandelingen verlopen grappig: ik kom terug op de eerste vraagprijs, want er zit een beschadiging op. Maar ze betalen de volle mep, als Rien mee wil helpen met het transport en het aansluiten van het gevaarte.

Op Domaine du Mûrier ben ik actief als kok en kennelijk gaat dat wel goed: 52 man aan tafel. Rien is inmiddels ook ingeschakeld voor de drankverkoop ter plekke.  Het is fijn om terug te komen op de camping, om zoveel leuke mensen weer te zien, om te mogen koken voor  de hele club. En als slagroom op de taart: de vrijwilligers nemen óns uit eten…de omgekeerde wereld.

Boeddha zei eens: Welke moeilijkheden je in het verleden ook hebt gehad, vandaag kun je een nieuw begin maken.  Wij zijn opnieuw begonnen, maar nemen alle mooie herinneringen mee.

Op speciaal verzoek het recept van de Quiche Méditerrannéenne à la Jacqueline 

1 bladerdeegbodem/ 2 tomaten, in heel dunne plakjes gesneden/ Basilicum/ 125 gr. Franse kaas ( geit en/of mozzarella), in plakjes gesneden/    100 gr. geraspte kaa/ 3 eieren/ 20 cl crème fraiche/ 1 glas melk/ Olijfolie, peper en zout  EN NIET VERGETEN !!!  1 eetlepel Moutarde Savora ( de smaak is na te bootsen door gewone mosterd met Piccalilly te mengen) .

 Bereiding:

Verwarm de oven voor op 210 graden. Leg het bladerdeeg in een ingevette ronde ovenvorm, smeer een ruime eetlepel mosterd op de bodem en beleg die met tomaat en dan met de kaas. Kruidt uit de losse pols met basilicum, peper en zout. Klop in een schaal de eieren met de crème fraiche, melk en de helft van de geraspte kaas tot een mooi mengsel. Giet uit over de basis en verdeel de rest van de kaas. Volgens het recept moet het 30 minuten in de oven, ik houd de kleur in de gaten: 20 tot 25 minuten in mijn oven is voldoende ….

Eet smakelijk!

Er zit natuurlijk geen kat in het recept. Maar de foto van onze kleine copycat is zo leuk….

Read Full Post »