Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for januari, 2012

Franse chansons

Tot tien tellen –niet altijd mijn sterkste punt- is een van de eerste dingen die je leert in een vreemde taal. Kennelijk zijn me daarbij indertijd een paar dingen ontgaan. Zo hebben wij consequent venk gezegd als we twintig bedoelden. De Fransen keken me niet begrijpend aan: omdat ze aan het eind van het woord een k hoorden dachten ze dat ik cinq bedoelde, vijf dus. Ik heb me er jaren mee gered, vroeg 2 maal 10 karbonades en kreeg dan het juiste aantal.  Het gekke is dat ik met het getal 21 nooit moeite heb gehad, dat ging automatisch goed: went-ee-un.

Pas twee weken geleden werden we gewezen op de wisselende uitspraak van de getallen 6 en 10, resp. six en dix, ( siez en diez). Wij zijn geneigd letterlijk te vertalen, dus als we het hebben over een half jaar geleden zeggen we un demi an. Onze leraar Frans verbetert ons. Het is six mois en dat spreek je uit als sie mwoi. Maar iemand met 6 kinderen heeft siezenfants. Hier is het een koppel-z, doordat het volgende woord met een klinker begint. Best logisch, maar wis het eens uit je geheugen als je het 45 jaar verkeerd hebt gedaan. Overigens hebben ze een soortgelijk geintje met de uitdrukking “over 2 weken”. Dat is niet en deux semaines, maar en quinze jours, 15 dagen dus. Daar hebben we dus allemaal J.L. voor. 

Onze lessen Frans verlopen redelijk ongestructureerd. We praten over het weer, de politiek, de natuur, dansles enzovoort. Soms hebben we een bepaald thema. Vorig jaar wilden we meer weten over de vervoegingen van werkwoorden. Dat hebben we vroeger allemaal geleerd op school, maar het moest een beetje worden afgestoft.  J.L. maakte mooie voorbeeldzinnen, zoals: Toen ik gisteren bij de buren ( zijn) , (zijn) het nodig dat ik hen (inlichten) over de vakantie die we (regelen). Zelf uitzoeken: wat is tegenwoordige tijd, verleden tijd, toekomende tijd, en aanvoegende wijs. Daar zijn we weken druk mee geweest. Rien snapt het helemaal, vooral dat van de subjonctif. Ik ben handiger: ik omzeil gewoon die problemen….

Bij toeval komen we ineens op het onderwerp Franse chansons. Chanson betekent gewoon lied, maar wij weten dat het dan gaat om de typisch Franse zangstijl. Er wordt  een verhaal verteld en vaak gaat het over de liefde voor een partner, een kind of de natuur.

Pakweg 35 jaar geleden gingen we voor het eerst vakantie vieren in Frankrijk, gewapend met een klein woordenboekje en cassettebandjes met Franse chansons in de auto. Een paar zinnen van een lied bleven steeds in het hoofd hangen, zoals Il neige sur le Lac Majore van Mort Schuman. Dat het sneeuwde bij het Lago Maggiore begrepen we wel, de rest van de tekst ontging ons volledig. Dus blèrden we telkens die eerste regel mee om te vervolgen met “”pompompom”, tot die bekende regel weer voorbij kwam. Terwijl we verwachtten dat het over de natuur zou gaan is het eigenlijk een droevig lied, over oorlog, bombardementen, honger en terreur. J’ai tout oublié de bonheur, ik ben het geluk vergeten..Maar ook met onze eigen invulling was het een prachtig  chanson….

Met J.L. nemen we ook Jacques Brel door, o.a. het bekende nummer Amsterdam. De lied over de haven van Amsterdam klinkt schitterend, maar ook als we de tekst voor onze neus hebben, snappen we er geen snars van. Zelfs de woordvoorwoord- vertaling levert weinig op: in de haven van Amsterdam zijn er zeelieden die slapen als wimpels langs de oever. Het klinkt prachtig poëtisch, dat wel..

We behandelen ook Vous permettez, monsieur van Salvatore Adamo. Rien tovert met zijn Ipad een filmpje van Youtube en samen met J.L. zingen we lekker hard de tekst. La Boheme van Charles Aznavour is ook prima te volgen. Deze Armeniër spreekt duidelijk Frans, slikt geen woorden in en gebruikt geen onbekende woorden.( Al deze teksten zijn gemakkelijk via Google te vinden).

Dat geldt niet voor Jean Ferrat, een zeer bekende Franse zanger uit de Ardeche. Zijn Bercuese pour un petit loupio , een slaapliedje voor een welpje, is volstrekt onbegrijpelijk. Het is politiek getint: let op, kleintje, voor je het weet spek je de heren Peugot en Esso en moet je de dienstplicht vervullen. Dan trakteer je de anderen op “pruimen””  ( wij zouden zeggen op blauwe bonen, kogels dus ).

Een prachtig lied is Qui a le droit van Patrick Bruel. Dat is een zanger die net zo populair is als Frans Bauer, maar ietsje intelligenter. Omdat het zo mooi is, hier de hele tekst….

Qui a le droit…

Patrick Bruel, Gérard Presgurvic

On m’avait dit te poses pas trop de questions. Tu sais petit, c’est la vie qui t’ répond . A quoi ça sert de vouloir tout savoir. Regarde en l’air et voit c’ que tu peux voir

On m’avait dit faut écouter son père Le mien a rien dit, quand il s’est fait la paire Maman m’a dit t’es trop p’tit pour comprendre Et j’ai grandi avec une place à prendre

Qui a le droit, qui a le droit Qui a le droit d’ faire ça A un enfant qui croit vraiment C’ que disent les grands

On passe sa vie à dire merci Merci à qui, à quoi ? A faire la pluie et le beau temps Pour des enfants à qui l’on ment

On m’avait dit que les hommes sont tous pareils Y a plusieurs dieux, mais y’ a qu’un seul soleil Oui mais, l’ soleil il brille ou bien il brûle Tu meurs de soif ou bien tu bois des bulles

A toi aussi, j’ suis sur qu’on t’en a dit De belles histoires, tu parles que des conneries ! Alors maintenant, on s’ retrouve sur la route Avec nos peurs, nos angoisses et nos doutes

Qui a le droit, qui a le droit Qui a le droit d’ faire ça A un enfant qui croit vraiment C’ que disent les grands

On passe sa vie à dire merci Merci à qui, à quoi ? A faire la pluie et le beau temps Pour des enfants à qui l’on ment

Wie heeft het recht…

 

Er was me gezegd, dat ik me niet teveel moest afvragen Weet je kleintje, het leven geeft je wel antwoord Wat heeft het voor zin, om alles te willen weten Kijk maar omhoog en zie daar wat je kunt zien

Er was me gezegd dat je naar je vader moet luisteren De mijne zei niets toen hij de benen nam Mama zei me dat ik te klein was om het te begrijpen En toen ik opgroeide, moest ik een plaats vervangen

Wie heeft het recht, wie heeft het recht Wie heeft het recht om dat te doen Tegen een kind, dat echt gelooft Wat de grote mensen zeggen

Je hele leven ben je bezig om “dank je wel” te zeggen Bedankt tegen wie, voor wat ? Je brengt regen en mooie tijden Voor je kinderen tegen wie je liegt…

Er was me gezegd dat alle mensen gelijk zijn. Er zijn meerdere goden, maar er is maar een zon. Ja maar de zon, hij straalt of hij zal je branden Je komt om van de dorst, of je drinkt bruisend water

Tegen jouw ook, ik weet zeker dat het je gezegd is De mooiste verhalen, ga toch weg, gelul ! Dus nu komen we elkaar op onze weg tegen Met onze angsten, onze beklemmingen en onze twijfel

Wie heeft het recht, wie heeft het recht Wie heeft het recht om dat te doen Tegen een kind, dat echt gelooft Wat de grote mensen zeggen

Je hele leven ben je bezig om “dank je wel” te zeggen Bedankt tegen wie, voor wat ? Je brengt regen en mooie tijden Voor je kinderen tegen wie je liegt…

 

En wie kent niet Ne me quitte pas, van Jacques Brel?

Ne me quitte pas

Laat me niet alleen

Ne me quitte pas Il faut oublier Tout peut s’oublier Qui s’enfuit déjà Oublier le temps Des malentendus Et le temps perdu A savoir comment Oublier ces heures Qui tuaient parfois A coups de pourquoi Le coeur du bonheur Ne me quitte pas Ne me quitte pas Ne me quitte pas Ne me quitte pas Ne me quitte pas Ne me quitte pas Ne me quitte pas Ne me quitte pas Laat me niet alleen Toe, vergeet de strijd Toe, vergeet de nijd Laat me niet alleen En die domme tijd Vol van misverstand Ach, vergeet hem Want het was verspilde tijd Hoe vaak hebben wij Met een snijdend woord Ons geluk vermoord Kom, dat is voorbij Laat me niet alleen Laat me niet alleen Laat me niet alleen Laat me niet alleen

 

Leuk he, die Franse les????

Read Full Post »

Ongeregeldheden

Fransen zijn geen betere mensen dan Nederlanders. Ook hier zijn gebieden waar altijd wel iets aan de hand is. Bijvoorbeeld in de banlieus, de Bijlmerachtige buitenwijken van de grote steden. Op het platteland is het kalmer, zeker hier in Die. De grootste zonde van de plaatselijke jeugd bestaat uit wat graffiti, het leegplukken van bloembakken of het in de fik zetten van een afvalcontainer. De verontwaardiging is dan groot, het komt dan ook meteen in de krant.

 

De kinderen worden hier –meestal- nog opgevoed. Of het nu gaat om een feest in de buitenlucht of een etentje in een restaurant: van de kinderen heb je geen last. Die worden van jongs af aan meegenomen, hebben een tas met speelgoed bij zich en ze weten donders goed waar de grenzen liggen.

Nederlandse kinderen zijn lang niet altijd zo. Als ze midden in de supermarkt gaan voetballen, of ze als ze alle kroppen sla aanraken, dan hou ik dus echt niet mijn mond. En ik vraag me dan af of die kinderen geen ouders hebben…

Hetzelfde gevoel heb ik  als ik kijk naar de ongeregeldheden met Oud en Nieuw in Nederland. Dat hoort een feest te zijn, met een beetje vuurwerk erbij. Pakweg 30 jaar geleden was het nog leuk dat de jeugd na middernacht gingen “slepen”. Onze tuinbank vonden we terug in de tuin van de buren, de fiets lag om een lantarenpaal gevouwen, dat soort geintjes. Maar het is kennelijk ontaard. Is het niet te gek voor woorden dat in Den Haag 1000 ( echt duizend!) vrijwilligers alle politieagenten, marechaussees, etc. moeten bijstaan?  Dat de ene gast een auto in de hens zet en een ander de brandweer belemmert of zelfs bedreigt bij het blussen? Dat er een reclamespot nodig is om hulpverleners te beschermen tegen agressie? Weer vraag ik me af: Hebben die mensen geen opvoeding gehad? Maar ja, als je ook maar een flits ziet van de New Kids, waar ieder derde woord KUT ! is, dan gaat de verloedering verder dan de jeugd.

Misschien is het onze leeftijd, maar voor ons zijn orde, regels en wetten belangrijk. Persoonlijk ben ik ervan overtuigd dat heldere regels plus een goede handhaving -en een pittige straf indien nodig, zoals in Frankrijk- heel goed werken.Een voorbeeld: De buurman vraagt ons iets over onze navigator in de auto. Hij heeft er eentje met een radarverklikker en dat is per 1 januari verboden. Bezit ervan kost € 1500,- aan boete plus 6 punten van het rijbewijs. Je hebt maar 12 punten, dus dat tikt lekker aan. Iedereen gaat dus nu als een speer naar zijn autodealer, een correct navigatiesysteem kopen. Maar weer typisch Frans: een verklikker mag niet, maar een waarschuwingssignaal weer wel… 

Wijzelf worden  ook gedwongen om helder te zijn met onze regels. Immers, wat de een mag, mag de ander ook. Onze camping ligt op een prachtig en goed onderhouden terrein. Voor maart hebben we nu alweer iemand geregeld die de door de wilde zwijnen aangerichte schade gaat herstellen. Dat mooie grastapijt willen we niet verpesten door plastic in de voortent of onder een tent. Een fotoreportage in de Volkskrant maakt het effect mooi inzichtelijk. Door een grondzeil wordt het gras geel, maar gaat het niet dood. Plastic verstikt het gras en er ontstaat een rottingsproces dat niet meer te keren is. En dan zijn er mensen die vragen of worteldoek wel mag….worteldoek doe je toch in je tuin om onkruid dood te maken???

Als ik het –ook in mailtjes- netjes uitleg hebben verreweg de meeste mensen er wel begrip voor. Maar af en toe krijg ik een reactie van een echte heks. Blij dat zo iemand besluit om een andere camping te zoeken…

Op dit moment hebben wij te maken met andere “ongeregeldheden”. Na de dood van poes Tosca waren we zo verschrikkelijk verdrietig, dat we al snel spraken over een nieuw poesje. Maar ja, weer een handenbindertje, moet je dat wel doen? En vlak voor een seizoen? Maar op Tweede Kerstdag hebben we ons verstand op nul gezet. Ik ben op Internet gaan kijken en als je alleen maar een nestje ziet ben je al verkocht… De fokster was ook een alleraardigste mevrouw en bovendien getrouwd met een dierenarts, een vertrouwd adres dus. De kleine pluizenbol mocht meteen mee naar huis, 10 weken oud. Daar vond ze het maar eng, zo’n groot nieuw huis, dus ze verstopte zich meteen in de kerstboom, De volgende dag kwamen vrienden op kraamvisite en ook dat was griezelig: van achter een kast hield ze in de gaten wat die mensen deden. Maar  daarna was de angst echt helemaal weg.

Wij zijn heel blij met haar, maar de 2 andere poezen vinden het nog niks, zo’n klein ongeleid projectiel, met slechts 2 standen: ze is óf volledig van de wereld óf ze gaat als een speer door het huis. Ze vindt die mannen reuze spannend, rent er onverschrokken op af, valt pardoes in haar waterbak, vreet de brokjes onder hun neus vandaan. Het is net een Duracel-batterij. Hier zit ze in de houtmand, ook spannend…

En wij? Terwijl wij natuurlijk lachen om al haar strapatsen, moeten we haar wel opvoeden. De ballen uit de kerstboom meppen, kerststukken uit elkaar plukken, happen in de cactus, de kaas van ons brood eten, in de vaatwasser klimmen….er is heel veel wat niet mag. Daar hebben we het nog wel even druk mee.

Hoe vertederend ook: van een goed opvoeding heb je later veel plezier..

Read Full Post »

Laten we wel wezen is een uitdrukking die aanspoort tot eerlijkheid of realisme. Dat schiet me dikwijls te binnen als er weer eens over de crisis wordt gedebatteerd. In die discussies zijn  de nuances kennelijk verdwenen. Maar wat is het effect van die crisis nu echt ? Praten we onszelf de ellende aan of gaan we echt naar de Filistijnen?

Volgens de koopkrachtberekeningen gaan Nederlanders er komend jaar gemiddeld 1 % op achteruit. Dat is € 10,- op een netto-inkomen van € 1000,-. Hierbij zijn allerlei prijsstijgingen al meegenomen, zoals de hogere premies voor de sociale zekerheid, ziektekostenverzekering, of de duurdere levensmiddelen. Misschien dat de crisis nog erger wordt, en de koopkracht met wel 3% vermindert, dan nog gaat het om relatief een klein bedrag…

Het percentage is een gemiddelde, er zijn dus uitschieters naar boven ( bijvoorbeeld door promotie) en naar beneden ( bijvoorbeeld door het verlies van werk). Voor mensen die van een uitkering op minimumniveau moet rondkomen ( AOW of bijstand), is een korting, hoe gering ook, beslist zwaar. Maar als je een vaste baan hebt, bijvoorbeeld als ambtenaar, of je hebt een pensioen, is het dan de nekslag als je een paar tientjes per maand inlevert?

Het kan veel erger, zoals bij een combinatie van maatregelen. Gezinnen met kinderen bijvoorbeeld ontvangen een lagere kinderbijslag en gaan meer betalen voor de kinderopvang, plus de gemiddelde koopkrachtdaling. Da’s dubbelop inleveren. Soms zie je echt schrijnende voorbeelden op de televisie: beide partners verliezen vrijwel gelijktijdig hun baan en zijn daardoor niet meer in staat hun tophypotheek af te lossen.  En al doe je het als ondernemer nog zo goed, toch kan je bedrijf naar de knoppen gaan, omdat het afhankelijk is van de bouwwereld. En die ligt op zijn gat. Dan ben je niet alleen zelf werkloos, maar al je personeelsleden zijn het ook…

Laten we dus wel wezen: die crisis pakt ons niet allemaal even zwaar aan. En dat is ook te zien. Als de benzineprijzen omhoog schieten, rijdt vrijwel niemand een kilometer minder. Als er nieuwe elektronische speeltjes op de markt zijn ( mobieltjes, Smartfone, I-phone, I-pad etc.), dan moeten we dat allemaal hebben, liefst ieder gezinslid 1 exemplaar. Dat kost veel meer dan € 15,- korting per maand…

 Ook het Centraal Bureau voor de Statistiek bewijst het: Nederland had vorig jaar het op een na hoogste welvaartsniveau van Europa, maar liefst 33% hoger dan het gemiddelde. Alleen belastingparadijs Luxemburg doet het beter. En de Sinterklaasinkopen laten het zien: 5,3% meer dan vorig jaar en voor kerst opnieuw een recordomzet. Laten we eens afwachten hoeveel vuurwerk er met Oud en Nieuw de lucht in gaat. Met onze welvaart in zijn algemeenheid is het schijnbaar nog niet zo slecht gesteld.

Is ons welzijn eigenlijk niet veel belangrijker? Bij welvaart gaat het om de vraag of we genoeg middelen hebben om onze behoeften te bevredigen. Dus voedsel, kleding en onderdak, niet luxe zoals een grotere televisie. Welzijn gaat verder, dat betreft óók onze gezondheid en de kwaliteit van leven.

Wij zijn ons Abessijnse poesje, Tosca, kwijtgeraakt aan kanker. Ze was voor ons als een kindje. Vanwege haar eetverslaving sliep ze ‘s nachts bij ons, zodat we haar portie dieetbrokjes onder controle hadden. Bij de minste beweging ’s ochtends van ons kregen we een opportunistische wasbeurt. Dat was een duidelijke boodschap: kom op met die brokken! We waren dus stapelgek op haar. Hoeveel van onze welvaart zouden we willen geven om haar terug te krijgen, denkt u?

Maar een beest is niet een mens. We hebben verschillende vaste gasten die tegen kanker vechten, de een heeft daarbij betere vooruitzichten dan de ander. Ik denk dat hun partners en hun kinderen er al hun geld en bezittingen voor over zouden hebben als ze daarmee het leven van hun dierbare zouden kunnen rekken of redden.

Dat zet in mijn ogen de economische crisis in het juiste perspectief: Geld is niet het enige dat gelukkig maakt. Laten we wel wezen betekent figuurlijk: eerlijk een realistisch zijn. Maar letterlijk:  Laat het ons goed gaan.  Dat lijkt me een prachtige wens voor 2012!

 

 

Read Full Post »