Feeds:
Berichten
Reacties

Bureaucratie is een Frans woord en Nederland heeft indertijd niet alleen dit woord over genomen in de taal, maar ook de inhoud!

Omdat wij ons huisje in Nederland zelf maar 4 tot 6 weken per jaar gaan gebruiken, heeft Landal het in de verhuur. Van de bruto-opbrengst gaat heel wat af, onder andere 6% BTW. We zijn daarom verplicht ons te melden als zogenaamde kleine ondernemer. En Landal gaat pas de huuropbrengsten storten op onze rekening, als het BTW-nummer geregeld is.boosboos

Oké, dat is dan maar zo en ik begin half juli met dit proces. Wat een ongelooflijke heisa! Ik vind een formulier van de Belastingdienst op Internet en al bij de eerste vraag struikel ik: Waar is de onderneming gevestigd? Bedoelen ze hiermee het adres van ons huisje, of ons privéadres? Ik lees even verder en er is bijna geen enkele vraag duidelijk. Dus bel ik de Belastingdienst en een aardige meneer loodst me er keurig doorheen. Verzenden naar Nederland en dan denk je dat het klaar is. Nee hoor, twee weken later komt er een heel ander formulier, met vragen die echt nergens op slaan, zoals “Hoeveel parkeerplaatsen heeft uw bedrijf?”

Gelukkig is een van onze vaste gasten directeur van een bedrijf in de financiële dienstverlening, dus die helpt ons uit de brand. Hij belt met de betreffende ambtenaar, krijgt digitaal een derde formulier toegezonden en overlegt meteen welke vragen we wel en niet moeten invullen. Weer denken we dat het nu goed komt.

Maar de ambtenaar heeft nog meer gegevens nodig en dat verzoek komt weer 2 weken later schriftelijk bij ons binnen. We moeten bewijzen dat het huisje wel van ons is, door de akte van levering, een huurbemiddelingsovereenkomst en het al ingevulde formulier beleggers in onroerende zaken ( Hoe zo, beleggers?? We hopen dat het kostendekkend is…).

Het is een koud kunstje om in Nederland een zorgtoeslag te krijgen, ook al woon je er niet, of kinderbijslag voor kinderen die niet bestaan. Maar iets simpels als de toekenning van een BTW-nummer is kennelijk heel erg moeilijk. Begrijp me niet verkeerd, ik ben absoluut voor goede controles, maar dit is over de top.

Dezelfde dag nog stuur ik per mail de gewenste stukken naar de betreffende ambtenaar en ik verzoek hem de ontvangst te bevestigen. Dat is kennelijk teveel gevraagd, want ik hoor niks. Inmiddels is het 9 september en rond de 22e september moeten we dat BTW-nummer hebben. Dus nu stuur ik maar eens een pittige mail naar die meneer, met de waarschuwing dat ik naar de Commissie van de Verzoekschriften zal gaan als het niet voor die 22e geregeld is. Per omgaande krijg ik antwoord. Hoe zo, gemakkelijker kunnen we het niet maken???

gorillaMaar dit is slechts fase 1. Onze financiële man vult de eerste aangifte in en pas dan krijgen we een brief met het verzoek het rekeningnummer aan te geven, waarop stortingen en incasso’s geregeld kunnen worden. Had dat niet meteen op het eerste formulier gekund? Wel zo handig, lijkt me.

Bovendien worden er nu weer aanvullende eisen gesteld, zoals de inschrijving bij de Kamer van Koophandel. Als ik opbel is dat ineens niet nodig, want het is het verkeerde formulier, alweer..

Wederom per omgaande sturen we een rekeningoverzicht. Twee weken later ( kennelijk is dat een standaardtermijn om in actie te komen), ontvangen we een brief waarin staat dat ze de teruggave niet kunnen storten, want er is geen rekeningnummer bekend. Ik zit al bovenop de kast als ik een dame daar aan de lijn krijg: Nee, ze hebben het rekeningnummer wel, maar een van de beide namen ontbreekt. Ze zegt niet eens welke. Het lijkt wel pure pesterij! Is hun slogan soms veranderd in : “Moeilijker kunnen we het niet maken?”

We sturen weer netjes een kopie op, nu met de beide namen leesbaar. Nog geen week later ontvangen we een brief: Op Internet kunt u een formulier vinden waar u uw rekeningnummer kunt aangeven . Moordneigingen krijg ik hiervan!

Ik bel weer eens en dan zegt een meneer: Nee, uw nummer is bekend, ze gaan het nu verifiëren en dan kan er worden betaald. Nou, ik wacht af, een klachtenformulier ligt al ingevuld klaar, er hoeft alleen nog een postzegel op. Een afschrift daarvan gaat rechtstreeks naar die Commissie van de Verzoekschriften, want die klacht van mij zal wel in een la verdwijnen….

Gemakkelijker kunnen we het niet maken: menen ze dat nou? Zit bureaucratie soms ingebakken bij ambtenaren?boosss

Wij weten dat we verschillende belastingen moeten betalen voor het huisje, zoals de OZB en riool- en reinigingsrechten. Omdat ik niet weet naar welk adres de aanslagen worden gestuurd, neem ik zelf contact op met de gemeente. Ik krijg keurig antwoord, kies ervoor om de termijnen automatisch te betalen en stuur daarvoor de machtigingen, vergezeld van een toelichting, terug. Half november is dat.

Wie schetst onze verbazing als er half december 2 acceptgiro’s binnenkomen op het adres van Domaine du Mûrier, Quartier du Perrier? Dat staat werkelijk nergens genoteerd, niet op de koopakte, niet in de machtiging en we wonen daar al niet meer sinds maart 2012! Zelfs de gemeente, waar we het laatst ingeschreven stonden, kent ons nieuwste adres.

Maar dan….. Ik probeer de dame met wie ik per mail contact had, te bereiken: op donderdagmiddag  vergadering, op vrijdag gaat iedereen om 12.30 uur naar huis. Ik stuur daarom een mail en krijg een verbazingwekkend antwoord van iemand anders: “Die machtiging moet vandaag nog binnen zijn en uw vragen heb ik doorgestuurd”. Is het niet logisch om eerst antwoorden te krijgen en dan een betaling te regelen?

Als ik de eerste dame probeer te bereiken, op maandagochtend,  is de afdeling weer in vergadering.  Misschien een goed idee om eens een  vergadering te besteden aan hoe je goedwillende burgers behandelt?  Ik betaal daarvoor, want de grapjurken plukken twee keer: de mensen van wie we het huisje kochten moeten over het hele jaar Forensenbelasting betalen en wij ook. Maar eerlijk is eerlijk, dezelfde middag krijg ik de helft van een antwoord, 50% goed…

Het is jammer dat ik al met een tweede boek bezig ben, want anders zou ik een zwartboek gaan schrijven. Titel: Gemakkelijker kunt u het wél maken!

PS: Toen ik na de Emancipatieraad werkloos dreigde te worden, had ik een leuk idee voor een eigen bedrijf: mensen helpen die door de overheid door de mangel werden gehaald. Volgens mij ben ik mijn roeping misgelopen….boos

 

 

Ons huis hier is in 1991 onder architectuur gebouwd en uitsluitend plaatselijke ondernemers hebben eraan gewerkt.  Er is toen duidelijk gekozen voor degelijkheid en dat is zelfs in de tuin te zien, gelukkig maar…

We zitten aan het eind van een helling en als het hier flink regent, komen er her en der stukken van een berghelling naar beneden. Maar niet bij ons. De vorige eigenaar heeft overal gezorgd voor een goede afwatering. Wij doen hetzelfde. Toen ons zwembad werd aangelegd, waren daar 4 bedrijven bij betrokken.  Iedereen dacht mee over het geleiden van waterstromen: een rooster hier, een geul daar en millimeteren met beton, zodat de  regen in putjes werd afgevoerd. Dus geen modderstromen in het zwembad.IMG_1589

 

De vorige eigenaar was gek op tuinieren. Maar het huis stond 6 jaar leeg, dus alleen de sterkste struiken overleefden het. En de heggen die ons perceel omringen, konden alle kanten op woekeren. Het zijn prikstruiken, zodat onbekenden niet zomaar het terrein op kunnen lopen. Maar de doornen zijn nu een paar centimeter lang en zo dik als een duim, gemene prikkers dus.

Oppasser Ed heeft vanaf dat we hier wonen al 4 keer geprobeerd de heggen in te tomen en iedere keer werd het mooier. Maar nu pakken we het probleem aan met grof geschut. Onze Henri zal het regelen. De zijkanten worden “geschoren” door een vriendje van hem, die een tractor heeft met maaiarmen. Zelf komt hij met zijn vrachtwagen en zet zijn mini-pelle, een kleine graafmachine, er bovenop. Op de graafbak wordt een pallet gelegd en daar staat een andere man bovenop. Henri bestuurt de kraan, Pierre zweeft boven de heg en snoeit met een flexibele heggenschaar er meters van af. En Rien harkt de troep bij elkaar. Uiteindelijk hebben ze een vrachtwagen vol met takken.

IMG_0610

Het is leuk om Pierre terug te zien. Toen in 2003 ons sanitairblok werd gebouwd, wist iemand wel een stel tegelzetters voor ons. Nou, dat was de miskoop van de maand, het waren namelijk alcoholisten. Als ik ’s ochtends om 10 uur vroeg of ze koffie wilden, was het antwoord: “ Nee, doe maar een biertje”. En als ik een uurtje later boodschappen ging doen, vroegen ze me om een heel krat mee te nemen. Die 24 flesjes waren aan het eind van de middag leeg, met 2 man. Het werk ging daardoor ook fout.  Ze moesten rond 7 afvoerputjes de tegels in een  diamantvorm slijpen, maar met zoveel drank op lukte dat niet zo goed. Hele vierkante meters versneden ze. Regelmatig kwamen ze gewoon niet opdagen, omdat ze hun roes moesten uitslapen. Na 6 weken lag de helft van de tegels erin. Wij zaten met de handen in het haar en toen kwam er een ander. Die was wel meer betrouwbaar, maar behoorlijk nonchalant.  Gewoon jammer: je probeert een mooi sanitairgebouw te maken en dan liggen de tegels er slordig in. Het jaar erna is een deel zelfs overnieuw gedaan, omdat het water niet naar de putjes afliep. Het is altijd een doorn in ons oog gebleven.

Voor de 100 m2 die nog aan de muur geplakt moest worden, zochten we daarom betere mensen. Pierre kwam, samen met een collega. Zij hadden allebei een volledige baan, maar wilden in de avonduren en  het weekend wel bijklussen. En dat ging perfect.

We hadden nog wel een akkefietje met hen. Ze wilden uitsluitend op basis van een aangenomen bedrag werken. Ik houd daar niet van: of de een, of de ander komt daaraan tekort. Er was niet over te praten, dus we moesten wel akkoord gaan. En toen bleek, dat ze veel meer uren moesten werken, dan ze hadden gedacht. Zelf durfden ze niet om extra geld te vragen, ze stuurden daarvoor hun vriend Boris. Ja, dank je de koekoek, hier hebben we het over gehad. Ik was toch degene die dit niet wilde en nu moet ik bijbetalen? “Maar”, vroeg Boris, “hebben ze het werk goed gedaan? Ben je tevreden? Zijn ze het geld waard?”

We konden alleen maar “Ja” zeggen en dus hebben we het extra bedrag maar opgehoest. En zoiets komt altijd bij je terug: Nu staat hij hier dus op de stoep.

Gelukkig dat ie überhaupt kon komen: hij werkte tot zijn pensionering bij de DDE, Direction Départementale d’Equipement, in de onderhoudsdienst van de provinciale wegen. In de winter moest hij met een sneeuwruimer de weg naar de Col de Rousset schoonhouden. Op een dag aten ze daar boven, er gingen wat drankjes naar binnen en op de terugreis miste hij een van de haarspeldbochten. Met zijn vrachtwagen tuimelde hij zo het ravijn in. Maar hij kan het navertellen.IMG_0612

 

Zoals gebruikelijk slaan Henri en Pierre de thee over en gaan meteen aan het bier, om half vier ’s middags. En als ze een uurtje later stoppen met het werk, komen ze binnen voor de whisky. Normaal kunnen wij Henri uitstekend verstaan, maar nu mompelen ze beiden binnensmonds. En de helft wordt ingeslikt. Maintenant, nu, wordt main’an, klinkt als mèeh nan en dat lijkt weer verdacht veel op mais non! , dat wordt mai no en klinkt als mèeh non. En die n. is niet een gewone n., hij blijft zo ongeveer half in je gehemelte steken. Volg het gesprek dan maar eens. We missen hele flarden.

Maar we begrijpen wel de laatste nieuwtjes uit Die. Pierre hoort vandaag of hij een kroeg kan overnemen. De vorige eigenaar had het goedlopende bedrijf aan een ervaren bedrijfsleider verkocht, maar die was liever lui dan moe. Als het faillissement is uitgesproken kan Pierre het bedrijf overnemen als hij alle schulden betaalt, voor een habbekrats dus. Hij is vroeg gepensioneerd en heeft wel zin in een nieuwe uitdaging. Hij zit met zijn toekomstige kroeg tegenover de nieuwe traiteur, die vlak voor de kerst zijn zaak in afhaalmaaltijden gaat openen. Die jonge man, voormalige kok in ons favoriete restaurant, is weer zijn neef en de zoon van vrienden van ons. Dat heb je in zo’n stadje: iedereen kent iedereen.

Wie ook heel erg van deze beide mannen geniet, is de dame op de straat. Nee, we hebben geen hoertje voor de deur. De weg die voor ons huis loopt, gaat naar het dorp Marignac en daarna naar de Col de Marignac. Vanaf dat dorp is de weg maanden afgesloten geweest, omdat bij de Col een stuk berghelling over de weg gespoeld was. Nu is bij ons alles afgesloten, vanwege  la sécurité, de veiligheid. Diverse berghellingen worden van vangnetten voorzien, om te voorkomen dat er steeds keien op de weg rollen. Het grapje gaat maanden duren.

Al 14 dagen staat er iedere dag, van 8 tot 5 uur, een mevrouw op de weg. Vrachtwagens die betrokken zijn bij het werk mogen er langs, personenauto’s worden via een smal weggetje omgeleid en ander vrachtverkeer wordt onverbiddelijk teruggestuurd. Wat een baan, daar de hele dag staan. Al een paar keer heb ik gevraagd of ze een kop koffie wil, of een ander warm drankje. Mèeh non, anders moet ze plassen….Mèeh non, merci!

En net als deze column af is, gebeurt er nog iets grappigs. Mijn auto is gekeurd en alles was goed, op iets onverstaanbaars na. Ik hoor het woord suuzje en begrijp het niet. Dus ik zeg expliciet dat ik dit woord niet ken. Hij maakt wat vage bewegingen met zijn handen om aan te geven dat er iets is met de banden ( die zijn de vorige dag gewisseld) en hij gebruikt hetzelfde woord nog een keer. Zou hij denken dat ik het dan wél snap, als hij het gewoon herhaalt?? Thuis zoek ik alle mogelijkheden op in het woordenboek: juger, guger, chuger, suger, sucher, maar het helpt me niet verder. Als de schade aan Riens auto is verholpen, vraag ik hem om dat even aan de garage voor te leggen. Maar ja, die snappen er ook niks van. Ze bellen wel even met degene die de auto gekeurd heeft. Een rode NEMO? Dat herinnert hij zich niet. ( Ik ben de enige in de hele regio met zo’n karretje…) Beijlen? Die naam kent ie niet. Wat is het kenteken dan? Dat weet ik wel uit mijn hoofd, maar Rien niet. Gelukkig heeft de garage het ergens staan. O ja, nu daagt het, maar die auto staat op de meisjesnaam ( Wie heeft dat bedacht?) En dan komt ie met het verlossende woord: usure irrégulière, een wat onregelmatige slijtage.

Duidelijk praten is niet iedereen gegeven, mais non….

 

 

In de zomer durf ik dat niet zo goed, nieuwe gerechten voorschotelen aan betalende gasten. Stel je voor dat het mislukt, ik zou compleet in de stress schieten. Bij onze vrienden is dat anders, dan waag ik een gokje. Bij het voor- en nagerecht is het gemakkelijk om iets ter vervanging in huis te hebben. En met het hoofdgerecht doe ik niet al te wilde dingen. Deze keer vond ik een recept bij de slager: Boeuf du Diable, rundvlees van de duivel. Een Frans recept, maar met een Marokkaanse tintje. Feitelijk moet het in een tajine worden gemaakt ( ik neem de braadpan) en wordt het geserveerd met couscous of verse pasta. 

Het zag er spannend uit, dus dat moest ik eerst maar eens oefenen op ons tweetjes. Maar goed ook, want er ging nogal wat mis. Het vlees moest worden gemarineerd met “de kruiden” –waaronder piment- , olie en knoflook. In een andere schaal moesten de rode uien gemarineerd worden met poivre en de rest van de olie. Niet zo moeilijk, zou je denken, maar ik maakte  hier al 2 fouten bij. Ik las niet goed en vertaalde piment met peper, terwijl het cayennepeper is, de pittige variant. En laat ik het gerecht nou gekozen hebben vanwege de grote opbrengst aan pepers in de tuin!

Als het vlees gaar is, moet er voor het opdienen honing over. Het staat klaar, maar dat vergeet ik toe te voegen. Misschien het begin van Altzheimer of Korsakov??? Of komt het omdat ik wel vaker de puntjes op de i. vergeet?

Het wordt uiteindelijk best een smakelijke, maar toch tamelijk gewone rundvleesstoof. Met een hete saus en de honing is ie wel op te peppen, maar het kan beter. Binnenkort zijn vrienden aan de beurt voor de betere versie. En daarna kan ie op het menu voor de table d’hôte.IMG_0603

 

Het is duidelijk mijn tijd voor de experimenten. In de supermarkt vind ik een Butternut, de flessenhalspompoen. We aten hier een paar maal Soupe de Butternut in een restaurant,  en we aten onze vingers er bijna bij op. Dat wil ik ook eens maken. En weer overkomt me hetzelfde, het recept niet goed lezen. De schil gaat er moeilijk af, daarom staat er een instructiefilmpje op Internet. Dat lees ik dus als ik hem met veel gemartel in stukjes heb. Het binnenste is draderig zoals een pompoen, terwijl ik dacht dat het om een courgette ging. ´n Frans foutje: courge is pompoen, courgette is dus een courgette.

De groenten ( ook een ui en een paar aardappelen)  moeten in een cocotte, een pannetje. Ja, dat snap ik, maar dat het in 10 minuten gaar zou zijn, is toch wel een beetje vreemd. Dan blijkt dat ik weer een woordje over het hoofd heb gezien, nl. cocotte minute, dat  is een snelkookpan. Nadat een Franse “dame” die eiste bij de gîte op Domaine du Mûrier, kocht ik zo’n ding. Nooit gebruikt en daarom ook daar achtergelaten. Ik los mijn probleem vandaag op door het een uurtje te laten sudderen. Als het gaar is, gaat het geheel door de blender en per soepkom maken een paar gebakken spekreepjes het af. Laat die vrienden maar komen!

IMG_0591Het is weer eens tijd voor een afspraak met onze leraar Frans en zijn vrouw. In plaats van les hebben we nu eetafspraakjes.  Da´s ook een goeie oefening voor de taal. Al tijden geleden hebben we hen een Chinese maaltijd beloofd. Het is Riens specialiteit, nasi, met een eitje erop. Zijn moeder kon niet koken, maar aan het gebakken ei op de nasi bewaart hij goede herinneringen. Ik maak, met de kruiden die Fleur me heeft gegeven, hete boontjes als bijgerecht. Gebakken banaantjes maken het af.

Op Internet zoek ik een recept van een echte Chinese tomatensoep ….en weer ga ik de mist in. Er staat dat er sambal in moet, een theelepeltje. Ik hou er geen rekening mee dat ik 2 soorten heb en pak zonder goed te kijken daardoor de Oelek in plaats van de Manis, nogal een verschil in pittigheid. Het smaakt overigens verrukkelijk, maar de Fransen knipperen wel even met de ogen. Die zijn “scherp” eten volstrekt niet gewend. Het is kennelijk geen bezwaar, want de hele pan gaat bijna leeg.

Van de table d’hôte ken ik de standaardhoeveelheden per persoon uit mijn hoofd: 150 ml soep, 60 gram droge rijst, 100 gram droge pasta, 200 gram aardappelen, 150 gram vlees, 200 gram groente. Met die hoeveelheden hield ik toch altijd “voor een weeshuis” over. Vrijwilligers en wij hadden de dag erna dan altijd nog een opgewarmde prak, lekker gemakkelijk. Dus dat er nu 2 liter soep door 6 mensen doorgejaagd wordt, betekent dat het experiment is geslaagd. De juiste pot Sambal Manis is trouwens ook weer boven water…

We horen nu dat er een echte toko in Valence zit, waar de specifiek Aziatische  kruiden gekocht kunnen worden. Dat was wel handig geweest, want zoek in Die maar eens naar citroengras. Maar ook dat was een experiment: vervangen door citroensap en het lijkt er best op.IMG_0592

 

Gaia vindt het wel fijn, dat er geëxperimenteerd wordt in de keuken. Omdat het zo regenachtig is, blijft ze noodgedwongen binnen. Wat is er dan lekkerder dan even knuffelen? En natuurlijk valt er wel eens een stukje vlees van het aanrecht, recht in haar bekje…

een selfie

een selfie

Winterklaar

Op de camping was alles “winterklaar” maken een megaklus. Rien was bijvoorbeeld dagenlang bezig met het afsluiten van het water: in het sanitairblok, de receptie, de professionele keuken en ook alle kranen op het terrein. Mensen denken wel eens dat het hier nooit koud wordt, maar dat klopt niet. En dat echt iedere leiding leeg moet, dat leer je vanzelf. Het eerste jaar vergat Rien bijvoorbeeld 1 douchekop te ontluchten. De waterleiding zat in de muur, de douche binnen in het sanitairgebouw, maar toch was er iets kapotgevroren. En de buitenkranen aan ons huis, ook dat ging nog wel eens mis….

Ik had dan andere dingen te doen, zoals 4 koelkasten en 3 diepvrieskisten leeg en schoon maken, alle koffieapparaten ontkalken etc. En het vetvrij maken van 3 meter wasemkap, ook een lekker klusje. Ongeveer 120 stoelen moesten onderdak plus veel tafels. Gelukkig hielpen onze vrijwilligers bij de “afbraak”, al moesten zij natuurlijk nog wel gebruik kunnen maken van het sanitairblok.  Als zij vertrokken waren, namen wij eerst even rust.  En dan met frisse moed weer verder.

Omdat we rondom de receptie en op ons binnenterras niet of nauwelijks een tuin hadden, werkten we veel met potplanten. Zeker 20 grote en 30 kleinere potten moesten naar binnen voor de vorst begon. Best een heel karwei.IMG_0902

Vergeleken hierbij hebben we nu een makkie. In de studio staat een mooie plantentafel en alles is inmiddels binnen, in totaal 15 stuks, dus dat is te behappen. Ook de fuchsia’s van Theetje. Ik ben dol op die planten, maar ze kunnen slecht tegen de volle zon. En vindt dan maar eens een plek waar ze overleven. Maar die van haar hebben prachtig gebloeid en mogen daarom blijven.

Rien is wel een tijdje zoet met het zwembad. Tijdens het seizoen is het onderhoud een dagelijks karweitje, nu kost het heel wat meer tijd: er moeten weer andere poeders in zodat de kwaliteit van het water ook in de winter goed blijft. We hebben een veiligheidsluik, dat het zwembad “volledig” afsluit,maar het blad van de bomen kan nog bij de randen naar binnen. Dus heeft ie er allemaal schuimrubber tussen gepropt. Toch valt er nog blad in…

En ook de pomp en de buitendouche moeten worden afgesloten. Vorig jaar hebben we de  hivernage ( overwintering) laten doen door een bedrijf en heeft Rien het werk afgekeken, hopen dat ie het nu zelf kan.

Die activiteiten worden onderbroken door dagenlange regenbuien. Wat valt er een hoop, soms wel 10 cm per dag.  En laat nu net de wasdroger kapot gaan. Ik ontdek het pas als ik al 3 wasmachines met beddengoed heb gedraaid. Ooit moest ik eens oppassen bij iemand die de lakens over de deuren hing om te drogen, maar ik red het net, tussen de buien door, snel snel alles aan de lijn en op een wasrek…Niet piepen, mijn oma – moeder van 12 kinderen- kreeg die was ook droog en zij had niet eens een wasmachine met ingebouwde centrifuge.depositphotos_22334917-Joyful-summer-laundry

 

Ook mijn “groentetuin” moet weer ontmanteld worden. Vorig jaar was het geen succes, de grond was veel te hard en daardoor had ik aardappelen in de vorm van radijsjes. Dit jaar pakte ik het anders aan: tomaten, courgettes, pompoenen en pepers in potten die gevuld waren met speciale grond. Iedere dag gaven we ze trouw water, aan de verzorging lag het niet. En toch was het geen succes. Mijn 3 tomatenplanten gaven maximaal 10 vruchten en ik oogstte welgeteld 1 pompoen ( van de aanschafprijs had ik er een heel aantal kunnen kopen..).

IMG_0584Maar de pepertjes overtroffen alles! Vorig jaar had ik van 2 plantjes – samen voor € 1,20- 6 rode pepertjes en dat vond ik geweldig. Dus kocht ik die nu weer, dacht ik. Maar kennelijk was het een ander soort, want het werd een maxi-opbrengst, zowel qua formaat als aantal: zeker 50 joekels hingen er aan. En wat doe je daar dan weer mee? Een aantal ligt nu in een droogkamer en de rest deed ik voor de sier in een bakje. Tot buurman kwam. De verkoper had hem een paar peperplanten verkocht  en uiteindelijk bleek het om paprika te gaan. Hij had net als ik veel te veel en wist ook niet wat hij  er allemaal mee moest doen. Buurman vroeg of ik er een paar wilde en kwam een doos vol brengen…Dus ik deel nu ook kwistig paprika’s uit.IMG_0589

 

Onverwacht was er nog een andere grote opbrengst: Onze oppasser Ed neemt altijd planten en bloembollen mee en zet ze dan vaak zelf in de  grond. Dit voorjaar had hij gladiolen naast het zwembad gepoot. Geheel spontaan kwamen daar ook andere planten op. De ene struik hing vol met kerstomaatjes en de andere met grote vleestomaten. Niemand die een verklaring kan geven, maar wij hebben er lekker van gesmuld. En, dat is wel het leukste:  helemaal gratis ( we blijven toch Hollanders).

 

Onze auto’s komen nog aan de beurt, maar de winterbanden moeten even wachten. De schade aan Riens auto wordt verholpen als de autospuiter weer gezond is. “Er zijn nog 5 wachtenden voor u”. De banden kunnen dan gelijk even mee. En mijn wagentje moet voor het eerst in 4 jaar worden gekeurd. Bandjes verwisselen gaat dan in een moeite door. Laten we hopen dat het tot die tijd niet gaat sneeuwen.

Onze badkamer is inmiddels wel winterklaar, we hebben een splinternieuwe verwarming gekregen. Kennelijk was dit goedkoper dan repareren. In de zomer hadden we ook al zo’n akkefietje. Nieuwe tuinstoelen gekocht voor de studio en binnen een maand was er eentje kapot. Dus Rien reclameerde per mail, kreeg instructies de kapotte stoel in te pakken en bij een supermarkt in te leveren. Het antwoord van het bedrijf bevatte tevens een bon voor het kosteloos verzenden, een adressticker etc.  We wisten niet precies wat we konden verwachten en waren dan ook stom verbaasd toen de beide stoelen voor 100% werden vergoed. Dat is nog eens service!

De schoorsteen is inmiddels geveegd, de houtkachel kan weer branden… Als we nu nog hout kopen zijn we echt klaar voor de winter.

 

Ups en downs

Soms verlang ik wel eens naar een saaie dag. Gewoon langzaam opstaan,  rustig ontbijten, de dagelijkse puzzel oplossen en dan koffie. kopje koffieDaarna een klusje, zoals strijken, en dan is het tijd voor een glas wijn. Lunch, siësta, kopje thee, klusje, glas wijn en vervolgens een avondje voor de buis hangen. Twee van dat soort dagen achter elkaar en dan heb ik het al helemaal gehad, maar toch…

Nu hebben we natuurlijk ook al een overdosis aan hectiek achter de rug. De onverwachte ziekenhuisopname, een klapband op de tolweg : je zou denken dat je het dan wel gehad hebt voor dit jaar. Maar nee, er komt nog meer ellende voorbij. De zondag voor we naar Nederland  afreizen gaat de ventilator van de badkamerverwarming stuk. Het is 2 weken voordat  de garantietermijn  verstrijkt, dus we brengen het hele toestel de volgende dag naar Valence, in de stille hoop dat we een nieuwe krijgen. Helaas, ze nemen hem in voor reparatie, dus de oppassers hebben geen verwarming in de badkamer. Gelukkig is de temperatuur binnen en buiten goed en kunnen ze wel zonder.

Als onze buren die zondagavond komen eten, laat ik hen vol trots de studio zien. Niks bijzonders opgemerkt. Dat is anders als onze oppassers op zaterdagmiddag arriveren: ik zie ineens een gelige smurrie in de douchebak drijven en denk even dat Rien er iets heeft weggespoeld. Maar die zou dat niet doen en hij zou sowieso de troep opruimen. Dus ik meld hem: Problemen! En wát voor problemen: de hele afvoer van de rechterkant van ons huis ( vanaf de keuken ) is verstopt! Ik race nog naar de supermarkt om ontstopper te halen, maar het baat niet. Terwijl Rien van alles probeert, bel ik buurman, al vaak onze redder in nood. Maar ook hij heeft geen oplossing. En nu? Dan maar niet naar Nederland? De oppassers pakken het probleem soepel op: in ons huis kunnen ze slapen en douchen, koken en afwassen kan in de gîte. Ze redden dat wel. En buurman zal meteen  maandag een gespecialiseerd bedrijf bellen. Die mensen komen op dinsdag en binnen no time is het opgelost.

IMG_0583Gaia, de Abessijnse poes, vindt dit allemaal maar niks. Op zaterdagochtend wordt het hele huis gezogen en ze is panisch voor de stofzuiger. Dan ontvlucht ze het huis. ’s Middags het gedoe met de riolering, ’s avonds gaan we uit eten met de oppas…je ziet haar bijna denken: Bekijk het allemaal maar. Op zondagochtend vertrekt ze, om vervolgens iedere nacht pas rond 2 uur binnen te komen. En wij maar zeggen dat het normaal zo’n schatje is…

Ondertussen rijden wij richting Nederland. In Lyon zitten we meteen in een file, rond Keulen is het één grote bouwput, maar toch komen we redelijk op tijd aan bij ons nieuwe huisje. Geweldig, dat is het enige woord dat passend is. De ontvangst bij de receptie, de parkbeheerder die ons persoonlijk komt begroeten, het huisje zelf, de omgeving…Bij de voordeur groeien een stel prachtige paddenstoelen, alsof ze er speciaal voor ons zijn neergezet. Aan de achterkant lopen de eekhoorntjes vlak voor ons raam. Wat jammer dat ons programma weer zo vol is, ik zou er dagenlang van kunnen genieten.

Maar ja, we willen onze dierbaren zien, brengen regioproducten bij de mensen die veel voor ons gedaan hebben -bij de aanschaf van dit huisje- en…we moeten op zoek naar nieuwe fauteuils voor ons Franse huis. Veel Fransen zijn kleiner dan wij en dat zie je terug in het formaat van de stoelen. Een paar jaar geleden heb ik, na heel veel moeite, toch een passend exemplaar gevonden. Die was kennelijk op maandag gemaakt, want de bekleding valt er inmiddels in stukken vanaf. We hadden ‘m gekocht bij een bevriende meubelhandelaar, die zou ons echt nooit belazeren met een slechte stoel. Maar de man verkocht zijn bedrijf en de opvolger ging al snel failliet. Bij wie moeten we  verhaal halen?  Nu ook Riens fauteuil, na meer dan 30 jaar, op instorten staat, wordt het tijd om nieuwe te gaan zoeken.

Al maanden kijken we op Internet, om uit te zoeken wat we willen.  Prominent adverteert prominent in de Volkskrant, dus dat bedrijf kan niet aan onze aandacht ontsnappen. Als we bij vrienden zijn, vertellen die ons over een aantrekkelijke aanbieding, namelijk een leeftijdskorting. Dan is zestigplusser zijn ineens een voordeel!

charlestonDe verkoper verdient een tien met een zoen van de juf: hij biedt ons een kop koffie aan en praat eerst over onze wensen. Maakt een schets van onze woonkamer ( het waarom ontgaat me eigenlijk) en neemt ons mee naar een passtoel. Legt precies uit waar hij op let en pas dan neemt hij ons mee naar de fauteuils die volgens hem voldoen aan onze wensen. Nou, in 1 x goed dus. Rien en ik zijn snelle beslissers, maar hier moeten we toch even over nadenken.  Precies 1 dag hebben we, dan vervalt de leeftijdskorting. Binnen 10 minuten zijn we eruit, maar dan zitten we al in de auto, voor een “overval”. Riens jongste zus is jarig en de afgelopen 13 jaar waren we op die dag nooit in Nederland. Dus hebben we nu samen met een andere zus die overval voorbereid. Nietsvermoedend doet de jarige de deur open, die verraste blik vergeten we voorlopig niet meer. Niemand was verder  op de hoogte, zelfs de derde zus – de familietamtam-  weet van niks. Ook zij is confuus als wij voor haar neus staan : “Zijn jullie in Nederland?”” Nee”, zei Rien, “we zijn nog in Frankrijk…”

In ons huisje moeten we zelf een paar klusjes doen: een slot maken op een kast, waar we privéspullen kunnen opruimen, en een stelling in diezelfde diepe kast. Het materiaal zoeken we in Hardenberg. Het is een feest van herkenning. Normaal komen we nooit een oude bekende tegen, nu achter elkaar. Da’s echt leuk.

Nu we het huisje hier hebben, nemen we een beetje afscheid van de familie bij wie we 13 jaar een eigen optrekje hadden. Ook al is het een vrijwillige keus, toch stemt het een beetje weemoedig: einde aan een tijdperk. Wij zullen “het warme bad” bij hen missen en zij hoeven niet meer te “zorgen”, zoals  ’s avonds – als wij thuiskomen- de lampen en de verwarming aan doen.  Om af te kicken  gaan we daar een dag naartoe en zij komen een keer bij ons. Ook de vriend die ons wees op dit park komt eerst bij ons eten met zijn vrouw en wij gaan daarna naar hen. A. neemt een megagroot boeket bloemen mee, en dat is zo’n geweldig cadeau: In Frankrijk zijn de bloemen  echt 3 x zo duur en de kwaliteit is 3 x minder dan hier.

Dan volgt er weer een down: elke keer als we in Nederland zijn gaan we met een vriend naar de Chinees. We moeten nu een nieuwe route volgen en ik vergis me in het donker op een rotonde. Geen probleem: er is een grote parkeerplaats, waar ik wel even kan omdraaien.  In de bocht komt een stroom auto’s me tegemoet en ik word gedwongen naar rechts uit te wijken. KRAK !!! Daar lag dus een grote zwerfkei en de auto zit er bovenop. Gelukkig is het maar blik…

En dan is het tijd om naar Frankrijk te gaan. Ons huis is blinkend schoon, mijn auto ook, het poesje innig tevreden, er staat een prachtige orchidee op tafel, de oppassers bieden ons een etentje aan plus de belofte dat ze volgend jaar weer terugkomen. Ieders leven kent ups en downs, maar dit is toch weer een toppertje???

Met mijn vriendinnen gaan we nog even naar de Wassenaarse Slag: óók een toppertje!IMG_0574

IMG_0573

Wij zijn dol op de Franse keuken. Het is inmiddels traditie geworden om onze gasten specialiteiten van dit land voor te zetten. En iedere winter probeer ik weer nieuwe menu’s uit. De Fransen bij wie wij eten vinden het stuk voor stuk leuk om ons elke keer te verrassen met specialiteiten: verse zeebaars gestoofd in Pernod, oesters, spreeuw, waterkerssoep, eend, duif, konijn en wie weet wat nog meer. Want de vertaling van wat we naar binnen werken is niet altijd even simpel. En dus eten we ook een paté waarbij we begrijpen dat het van een soort rat is gemaakt. Maar ja, wij laten ons niet kennen! Alleen bij de bloedworst, dat gaat over mijn grens: de Nederlandse versie daarvan lust ik al niet, de boudin hier smaakt alsof je in puur  bloed hapt.  Zelfs als het is aangemaakt met een uitje of een appel: Dat zal me worst zijn, ik griezel er van.verse worst

Nu komen onze buurtjes met hun huisvriendin bij ons eten. Ik heb hen Hollandse pot beloofd: Drentse groentesoep ( met verse worst erin) plus gehaktballen met bloemkool en aardappelen. Dat laatste vinden zij dubbelop: een aardappel is hier een groente en niet bordvulling zoals in Nederland. Bovendien eten ze die pomme de terre gegratineerd,  als puree, als rösti, risolette of in schijfjes gebakken. Zoals wij dat doen, met een beetje jus, dat kennen ze niet. Alhoewel: laatst aten we hutspot bij hen, op de Franse manier. Dat betekent een portie klapstuk op het bord met hele wortelen en ongesneden aardappelen, plus jus. Wij Nederlanders zijn dan meteen geneigd om dat te gaan prakken, maar ja, we passen ons aan.

Als we bij hen eten is het gebruikelijk om eerst een apéro, een drankje, te nuttigen. Nou, een stévig drankje dus: als je niet oppast heb je zo een paar limonadeglazen whisky of pastis te pakken. Voor de veiligheid kies ik altijd voor wijn, maar ook dat glas gaat tot de rand aan toe vol.

Hier beginnen we ook met een drankje vooraf, maar ik maak niet teveel borrelhapjes. Buurvrouw is een kleine eter, straks zit ik nog drie dagen met de restanten. Deze keer is het anders: de soep valt heel erg in de smaak en ik moet precies uitleggen hoe die gekookt is. Gelukkig kan ik dat. Een vorige keer maakte ik een menu met Knorr Wereldgerechten en dan is het knap lastig om te vertellen welke kruiden je voor de saus hebt gebruikt. ”Gewoon uit een zakje”, dat is een tamelijk onnozel antwoord, toch? Gehakt kennen ze hier wel, chair à saucisse, maar niet de ballen zoals wij die maken. En dat er in Nederland speciale gehaktkruiden bestaan, dat is echt onbekend.

Ook de groenteschotel wordt gewaardeerd. Op de camping ben ik gewend geraakt aan een machine à vapeur, een stoomoven, gelukkig heb ik die hier ook. Fantastisch om bijvoorbeeld groenten in te bereiden. Broccoli en bloemkool uit de diepvries halen, een half uurtje stomen op 100 graden en smullen maar. En een sausje erover, niet te vergeten. Buurvrouw vindt alles even interessant. Het lijkt wel “Heel Holland bakt”, we praten een halve avond alleen over eten…Uiteraard maken we weer grappige taalfouten. Een (gehakt)bal is een boule, maar ik maak er boulot (= werk) van. Waarop Rien gevat antwoordt dat hij dat werk heeft gedaan, want hij is hier de  ballenjongen..

Het hoofdbestanddeel van het dessert bestaat uit speculaas. Speculoos noemen ze dat hier. Nee, verbetert buurvrouw mij: speculozzz. Buurman praat ook mee, en die zegt voortdurend: “Bien bon! ” Sylvain Lelarge, iemand die columns schrijft over de  Franse taal , legt  – samengevat- uit: Die woorden betekenen allebei goed, maar toch is er een verschil.  Bien is een waardeoordeel , het deugt. Bon is meer de ervaring van de mens, het is lekker.

“C’est bien bon!”, is volgens die meneer Lelarge een manier om het eten van moeder de vrouw aan te prijzen. Hij voegt eraan toe: Dat klinkt toch leuker dan “Pas mal!”’ ( niet slecht) , of erger “Pas dégueulasse! dat je als uiterste compliment van menige Parijzenaar geserveerd krijgt! (=Niet onsmakelijk…)

 

Grappig dat zij de gekookte aardappelen patates noemen. We praten nog een tijdje door over de verschillen tussen de Nederlandse en Franse keuken. Niet iedere Nederlander is er even gek op, maar toch is het eten van niertjes of lever niet uitzonderlijk. Bij hart is dat anders, dat ervaren wij als kattenvoer. Hier niet, in Frankrijk eet men eigenlijk alle organen. Een specialiteit hier – met name in Crest-  heet Defarde. Het is een tripe -de pens of ingewanden van een koe-  maar Defarde is gemaakt van de ingewanden van lamsvlees. Ik kan er nog niet echt naar verlangen, maar de volgende keer zijn wij aan de beurt bij de buren: tripe op het menu…itripes

 

Andouillette boeit me ook niet zo. Het ziet er uit als een gewoon worstje, maar het is gemaakt van darmen van varken of rund. De smaak schijnt heel apart te zijn en veel mensen vinden het onaangenaam. Eigenlijk staat het me al tegen vanwege die slechte naam of faam. Maar Gésiers, dat vind ik wel echt een lekkernij. Het zijn spiermaagjes van eend of kalkoen. Heerlijk op een salade, zo hebben we het ook leren eten. In reepjes snijden, even aanbakken en boven op de aangemaakte salade: smullen maar!

 

Als we bij de koffie zijn aanbeland, met Rien’s zelfgemaakte likeurtjes, wordt het tijd om buurvrouw Wordfeud te leren. De buurtjes zijn vaste klant bij supermarkt 1, komen zelden bij nummer 2, waar ik dagelijks shop. Maar toch: ze komen er ook een keer, krijgen een button om in een automaat te gooien en winnen de hoofdprijs, een mooie tablette. ( Ik heb er al 10 van die munten ingestopt, maar nog geen dubbeltje gewonnen….)

Rien moet het ding aan de praat krijgen en zet er ook Wordfeud op. Buurvrouw is namelijk scrabblefanaat. In de zomer zit ze iedere dag op het trapje in het zwembad, een plank voor zich, de asbak met haar sigaretjes erop, een drankje en het scrabblebord. Wordfeud is voor zo iemand heel leuk….als je het tenminste begrijpt. Met zijn vijven zijn we ermee bezig. Buuf is duizend keer slimmer met de Franse woorden, maar ik snap het spel beter. Helaas kan zij de spelregels binnen een dag leren, terwijl ik haar nooit in zal halen met haar woordkennis. Ik ga meteen de mist in, ( étêté, ik word onthoofd…) omdat haar vriendin het spel direct doorheeft, gecombineerd met ook een aardige woordenschat. Dus dat wordt oefenen.

Laat ik het voorlopig maar houden op de Nederlandse en Franse kost in de keuken, daar ben ik wel een beetje gelijkwaardig….

 

En als deze column net af is, komt onze tuinman langs, het werk voor november bespreken. Wat hebben we weer een pret! Rien vraagt hem hoe het met de vrouwen gaat. Met glimmende oogjes antwoordt hij. “Gezien mijn leeftijd, waarom zou ik me beperken?”  Zo van: Geniet ervan, zolang het kan…Om eraan toe te voegen dat hij wel correct blijft richting de dames.

We praten over de kosten van de Franse president ( en al zijn voorgangers die nog in leven zijn en ook door de bevolking worden onderhouden) in vergelijking met de kosten van het Nederlandse Koningshuis. Het is zuur, als je 43 jaar gewerkt hebt en dan van het minimum moet rondkomen. Maar daar heeft ie wel een idee voor: hij gaat wiet smokkelen uit Nederland. En als ie gesnapt wordt is dat niet erg, dan heeft hij kost en inwoning gratis. We concluderen dat hij toch maar beter bij ons kan werken..

wiet

 

 

 

Heuglijke feiten

Heuglijk betekent volgens Mijn Woordenboek: aangenaam, blij, gedenkwaardig, onvergetelijk, verblijdend of verheugend.

ballonMijn eerste heuglijke feit is dat ik deze maand precies 10 jaar columns schrijf. Eerst voor Vitaal, een webmagazine voor  ouderen. Na 168 afleveringen van mijn kant was dit blad  niet meer zo vitaal en stierf het een zachte dood. Vanaf dat moment had ik een eigen weblog, waar inmiddels 97 berichten geplaatst zijn. Het was niet mijn eerste schrijfsel. Naar Frankrijk verhuizen was –toen- zo’n verschrikking, dat ik mijn belevenissen in een dagboek van me afschreef: 500 A-viertjes werden het , voordat men mij vroeg voor die columns… En nu lees ik alles opnieuw, omdat ik eindelijk, eindelijk de structuur van mijn tweede boek in mijn hoofd heb. Maar de presentatie daarvan is een heuglijk feit dat nog wel een tijdje op zich zal laten wachten…

Nog iets leuks: Eind september 2011 aten we met onze oppassers in restaurant Mazel. Het was de dag voordat we op vakantie zouden gaan naar Corsica. De serveerster, moeder van de kok en vriendin van ons, wees ons op de man aan het tafeltje naast ons: Dat is een Nederlander die op Corsica woont. Wat een toeval! Er ontstond er een leuk gesprek. M. vertelde dat hij in Die was om afspraken te maken voor een concertreeks van Barbara Furtuna in de Drôme. Van hun website:BBB

Barbara Furtuna is een Corsicaans vocaal ensemble bestaande uit 4 mannen. Het kwartet beheerst op uitzonderlijke wijze de Corsicaanse traditionele polyfone zangstijl, maar weet hierbinnen een eigen, uniek geluid te creëren. Het repertoire van Barbara Furtuna bestaat uit traditionele religieuze en wereldlijke liederen, eigen composities, nieuwe arrangementen en hernemingen van oude gezangen uit het collectieve geheugen.

Sinds tien jaar is de groep veelvuldig aanwezig op de internationaal scene, in Europa, Noord-Amerika of Australië op gerenommeerde podia, zowel solo als in verschillende onverwachte samenwerkingsprojecten zoals met het Barok ensemble l’Arpeggiata en met de oude muziek van het trio Constantinople. (en binnenkort met Placido Dominco)

Maar ja, wij gaan op vakantie. Het is wel bijzonder als je iemand maar heel even spreekt en er meteen een klik mee hebt. M. belooft de volgende ochtend een paar Dvd’s te brengen en doet dat ook echt, niet alleen voor ons maar ook voor de oppassers. En hij nodigt ons uit om hem op te zoeken op zijn olijvenboomgaard, dat doen we een jaar later. Daar leidt hij ons rond, vertelt de hele geschiedenis van de plantage en na afloop heeft ie koffie in een thermosfles en op zijn Hollands een koekje erbij. Een warme herinnering.

Heel af en toe hebben we contact, maar eigenlijk verwatert het een beetje. En dan, ineens komt er een mail:  Even een kort berichtje dat Barbara Furtuna in Crest optreedt op 1 oktober en in Valreas op 2 oktober. Als jullie zin en tijd hebben………………………… Groetjes et à la semaine prochaine.

Natuurlijk hebben we zin! Op de vraag hoe we aan kaarten kunnen komen, antwoordt hij: Jullie zijn hierbij uitgenodigd. Wel heeft hij weinig tijd voor ons, want voor hem is het gewoon werk en het is een drukke tour: elke dag een andere plek.

Ruim op tijd staan we op de stoep van de prachtige kerk Saint-Sauveur, midden in het centrum. Een monumentaal pand, in 1836 ingestort en weer opgebouwd in klassieke stijl. De 4 mannen van Barbara Furtuna komen op en zingen vrijwel uitsluitend a capella. Anderhalf uur lang, zonder pauze. De zaal luistert ademloos om iedere keer na afloop van een nummer “Bravo!” te roepen of heel luid en heel lang te applaudisseren. Ook wij krijgen er kippenvel van, zo mooi, zo goed gezongen. Neem een kijkje op www.barbara-furtuna.fr, daar zijn een paar songs te beluisteren.

Ook na afloop van het concert heeft M. nauwelijks tijd voor ons: iedereen koopt het nieuwste album en laat het signeren door de artiesten. En toch: het was een geweldige avond! Niet alleen vanwege de muziek, maar ook om weer eens wat cultuur op te snuiven.

Si vita si

Si vita si

 

En nog een heel ander heuglijk feit: ik ben aan de pil! Om wilde fantasieën te voorkomen even een toelichting… Vanaf de pubertijd ben ik al een hoofdpijnmeid. Pakweg 50 keer had ik een kaakholteontsteking, soms waren te drukke werkzaamheden de aanleiding, spanning ook wel eens, het derde glas wijn was meteen foute boel, een verkeerde werkhouding ook…elke keer was het raak. Op de camping viel ik natuurlijk in de prijzen: altijd druk, soms spanning en te vaak een verkeerde belasting van mijn lijf. In het hoogseizoen kon ik dan met een migrainepil maximaal 36 uur vooruit, daarna moest er een nieuwe tablet in. Vanaf de verkoop van de camping was ik soms 3 tot 5 dagen vrij van hoofdpijn, een ongekende luxe. En nu heb ik een nieuw pilletje… De schildklierproblemen veroorzaken heftige hartkloppingen en daarom krijg ik een bètablokker, 2 x een half tabletje dagelijks, 10 cent per dag ( ter vergelijking: een migrainepil kost € 5,- per stuk) . En voor de neveneffecten hang ik de vlag uit: nauwelijks meer hoofdpijn! Een beste die me deze pil weer afpakt! Dat vind  ik nou een heuglijk feit!vlag

 

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 196 andere volgers